Brink's en het eenheidsstatuut

Print

Even leek het een verdedigbare stelling: als de concurrentie met arbeiders werkt en wij werken met bedienden, dan is er geen eerlijke concurrentie. Geldtransporteur Brink’s maakte van de wissel van statuut van bediende naar arbeider dan ook de inzet van een sociaal conflict zoals we er in België al een hele tijd geen meer gehad hadden. Al kwam het natuurlijk zéér ongelegen net op het ogenblik dat de sociale partners aan tafel gingen om onder meer te praten over een eenheidsstatuut voor werknemers. Of was dat precies de bedoeling?

Maar Brink’s is door de mand gevallen. Na de vakbonden en het openbaar ministerie blijkt ook de rechtbank van koophandel van Brussel ervan overtuigd te zijn dat er bij Brink’s een sterfhuisconstructie opgezet werd en dat het Belgisch filiaal werd leeggezogen. De zaak zou het moederbedrijf van Brink’s in de Verenigde staten nog zuur kunnen opbreken, omdat het onder bepaalde omstandigheden rechtstreeks kan aangesproken worden voor de schulden van een dochter die niet voldoende zelfstandigheid kreeg.

Een en ander neemt niet weg dat vakbonden en werkgeversorganisaties nu onder grotere druk komen om tijdens hun overleg in de ‘Groep van 10’ eindelijk knopen door te hakken over het eenheidsstatuut, een dossier dat ACV-voorzitter Luc Cortebeeck graag “het BHV van het sociaal overleg” noemt. Het leek erop dat ten minste enkele sociale partners het eenheidsstatuut graag nog wat verder voor zich uit hadden geschoven, maar dat wordt nu wel erg moeilijk.

En de sociale partners staan - net als de politiek - toch al voor de moeilijkste onderhandelingen in jaren. De vakbonden vinden dat er zeker in 2012 ruimte zou moeten zijn voor bescheiden loonsverhoging, maar de werkgevers argumenteren dat ze met de rug tegen de muur staan, en dat zelfs onze concurrentiepositie tegenover buurlanden als Duitsland en Nederland in het gedrang komt.

Zij kregen gisteren een steuntje in de rug van de Wereldbank, die berekend heeft dat de belastingdruk voor bedrijven in België tot de hoogste ter wereld behoort.

De studiedienst van het ACV plaatste meteen enkele fikse kanttekeningen bij de studie. Maar die verdwijnen in het niet bij wat de Belgisch-Japanse kamer van koophandel, voorgezeten door niemand minder dan VBO-voorzitter Thomas Leysen, begin dit jaar schreef in een brochure voor Japanse investeerders: dankzij de notionele intrestaftrek heeft België de laagste reële vennootschapsbelasting ter wereld. Die brochure gaat Leysen nog lang achtervolgen.

Luc Standaert