Sneller saneren

Gouverneur Guy Quaden van de Nationale Bank verwacht dat de Belgische economie volgend jaar zal groeien met 1 procent. Dat is niet veel. Maar wanneer men weet dat sinds het uitbreken van de financiële crisis in september 2008 onze economie met 4,2 procent kromp waarvan alleen al 3,5 procent dit jaar, dan kan men spreken van een grote sprong voorwaarts. Volgens Guy Quaden moet de regering hiervan gebruik maken om de overheidsfinanciën versneld te saneren.

HBvL.be Het Belang van Limburg

Dat is uiteraard sneller gezegd dan gedaan. Onze economie kromp omdat de consumenten op hun centen gingen zitten omdat ze veel geld verloren op de beurs en/of omdat ze schrik hadden voor hun job. En omdat de bedrijven quasi niet meer investeerden gezien de veel te grote productiecapaciteit die in de automobielsector zelfs van structurele aard is. Het was allemaal nog veel erger geweest indien de verschillende regeringen niet extra geld hadden uitgetrokken om de koopkracht te ondersteunen en de bedrijven tegemoet te komen. Het gevolg daarvan was wel een ontsporing van de begrotingstekorten en een snelle toename van de staatsschuld. Nu het economisch opnieuw iets beter gaat, moeten de regeringen de tering naar de nering zetten.

Dat moet wel subtiel gebeuren, het economisch herstel is pril. Bouwen ze hun relancemaatregelen te snel af, dan kan dat het vertrouwen bij consumenten en bedrijven ondermijnen. Helaas is dat ook het geval wanneer ze het te langzaam doen. Dat weten we van de jaren tachtig. Grote tekorten en hoge schulden maken consumenten en bedrijven bang en achterdochtig.

Daarom deed gouverneur Guy Quaden er gisteren goed aan om te waarschuwen. De regeringen gingen bij de opmaak van hun begrotingen van volgend jaar uit van een economische groei van amper 0,4 procent. De Nationale Bank verwacht een groei van 1 procent. Daardoor zullen de regeringen wat geld overhouden. Dat kunnen ze uitgeven aan nieuwe maatregelen. Het is onze politici toevertrouwd om daar ideeën voor te hebben. Of ze gebruiken het om de begrotingstekorten en de staatsschuld sneller af te bouwen.

Het grote probleem met schuld is dat men er intresten op moet betalen. Dat is geld dat men niet kan gebruiken voor andere zaken. Dat kunnen we ons niet veroorloven gezien de vergrijzing en de daarmee gepaard gaande uitgaven voor pensioenen en gezondheidszorgen. Daarom doen de regeringen er goed aan om, zoals de Europese Commissie vraagt, reeds in 2012 begrotingen in evenwicht te hebben.