Taalvreemde prinsen

Print
Taalvreemde prinsen

Taalvreemde prinsen

Geen gemakkelijk land, Belgenland. In 1991 werd de 40-ste verjaardag van de troonsbestijging van wijlen koning Boudewijn feestelijk gevierd. Het voormalige Hollandse kindermeisje (1935) van prins Boudewijn, herinnerde zich "dat de kleine prins met zijn vader, koning Leopold, ALTIJD FRANS sprak, maar dat hij met haar ALTIJD NEDERLANDS praatte".
In die ene zin zit de sleutel van veel van wat er rond het koningshuis misgaat. Onze prinsen werden (worden ?) opgevoed in de wetenschap dat het Frans de taal is van de 'grote' mensen en het Nederlands de taal van kindermeisjes en andere dienstboden. Op dat stuk hebben onze koningen en prinsen trouwens geen excuss. Zij hoeven immers niet verder te reizen dan tot bij hun Luxemburgse neven en nichten. Het Luxemburgse dialect is zeker zo moeilijk als plat Hasselts. Maar voor die Luxemburgse prinsen is het gesneden brood. Zij krijgen het opgediend samen met de moedermelk. Uiteraard hebben die prinsen uitstekende, de meerderheid van het volk kennende adviseurs