Vlaamse biosector groeit, maar blijft relatief klein

Print
Vlaamse biosector groeit, maar blijft relatief klein

Vlaamse biosector groeit, maar blijft relatief klein

Het aantal gecertificeerde Vlaamse biologische landbouwbedrijven is vorig jaar met 7 procent toegenomen ten opzichte van 2012, zo blijkt uit het jaarrapport biolandbouw dat maandag is voorgesteld door minister-president Kris Peeters (CD&V). Ook het biologisch areaal (+2,5 procent) en de biologische veestapel (+2 procent) namen licht toe.
In vergelijking met onze buurlanden en het Europese gemiddelde blijft de biosector in Vlaanderen echter achterop hinken.

Uit consumptiecijfers, die enkel beschikbaar zijn voor heel België, blijkt dat 88 procent van de Belgische gezinnen vorig jaar een of meerdere bioproducten kocht. De bestedingen aan bioproducten stegen met 8 procent tot 403 miljoen euro. Vooral biogroenten en biologische vleesvervangers zijn daarbij populair. De meeste van die aankopen gebeuren overigens in een gewone supermarkt (44 procent), voor de speciaalzaak (31 procent), terwijl ook de buurtwinkel aan een bio-opmars bezig lijkt (13,5 procent). Volgens minister-president Peeters staat de Vlaamse biosector "in volle bloei" en is dat onder meer te danken aan "volgehouden inspanningen van de overheid én alle stakeholders". Peeters maakte bekend dat de Vlaamse overheid vorig jaar 3,57 miljoen euro uitgaf aan de sector en stelt dat die investeringen de komende jaren moeten volgehouden worden, "zodat we nog meer producten van eigen bodem kunnen aanbieden en nog meer consumenten nog vaker kunnen genieten van onze bio van topkwaliteit". Ook sectororganisatie BioForum is blij met de gestage groei, maar wijst erop dat de Vlaamse biosector klein blijft in vergelijking met onze buurlanden en het Europese gemiddelde. Het aandeel van het areaal biolandbouw in de totale Vlaamse landbouwoppervlakte bedraagt bijvoorbeeld 0,8 procent, terwijl het Europese gemiddelde 5,7 procent is.