Ontslagpremie

Print
Na maanden van getouwtrek en gemarchandeer is er een einde gekomen aan de federale benoemingssaga: de overheidsbedrijven hebben een nieuwe manager en de managers een nieuwe baan. Werkzekerheid is ook op dit niveau belangrijk. Tenzij het venijn toch nog in de staart zou zitten, want de overgang van het ene overheidsbedrijf naar het andere zou voor sommigen een wel bijzonder lucratieve aangelegenheid te worden.
Kamerlid Stefaan Van Hecke (Groen), later bijgetreden door minister van Overheidsbedrijven Jean- Pascal Labille (PS) riep spoorbaas Marc Descheemaecker en topman Jannie Haek van de NMBS Holding op om bij hun transfer naar de luchthaven van Brussel en naar de Nationale Loterij de ontslagpremie van respectievelijk 900.000 en 750.000 euro te laten schieten. Van Hecke verwees ook naar CD&Vvolksvertegenwoordiger Stefaan De Clerck, die de Kamer na 23 jaar ruilt voor Belgacom en recht heeft op vier jaar loon.

De oproep viel bij Jannie Haek alvast niet in dovemansoren, al of niet als onderdeel van een politiek maneuver. Hij liet gisteravond weten afstand te doen van de opzegvergoeding. Dat gebeurt hoe dan ook helemaal vrijwillig. Strikt juridisch is er namelijk geen speld tussen te krijgen. Het gaat waarschijnlijk zelfs over ontslagvergoedingen die bedongen werden tijdens de onderhandelingen over hun contract en werden goedgekeurd door de aandeelhouder, met name de overheid.

Ook over de hoogte van de bedragen valt het een en ander te zeggen, ook al is ook daar puur juridisch niets tegenin te brengen. De wet is de wet voor iedereen, ook al moet een gemiddelde Ford-werknemer voor een dergelijke ontslagvergoeding 160 dienstjaren aantonen, en moet een gemiddelde spoorarbeider daar 30 jaar voor werken. En dat de stiptheid van de spoorwegen in al die jaren tot ongekende hoogte is opgevoerd en de kwaliteit van de dienstverlening is opgekrikt tot het niveau van de Schweitzer Bundesbahn, kunnen we ook niet zeggen.

Ethisch gezien is er hoe dan ook iets niet in de ‘haek’. Een ontslagvergoeding een bedrag dat de werknemer krijgt om de periode te overbruggen naar een nieuwe jobs. Maar in dit geval gaat het om werknemers die geen dag werkloos zijn en de ene topjob verruilen voor een andere, en dat zelfs bij dezelfde werkgever. Ga dat aan de Henry Fordlaan maar eens uitleggen.

In die zin zou het ook voor Stefaan De Clerck een mooi gebaar zijn om af te zien van zijn parlementaire opzegvergoeding. Hij hoeft slechts in de voetstappen te treden van collega’s die hem het goede voorbeeld hebben gegeven.

Guido Cloostermans