Het mislukte anker

Print
Het mislukte anker

Het mislukte anker

De Ford-toeleveranciers SML, Syncreon, IAC en Lear gaan sluiten. In feite wisten we dat al. Nu is het ook officieel meegedeeld op de ondernemingsraden van deze bedrijven. Hiermee gaan rechtstreeks 1.305 arbeidsplaatsen verloren. Dat die beslissingen nu kort voor Kerstmis nog vallen, heeft te maken met het gegeven dat de werknemers van bedrijven die dit jaar aankondigen dat ze moeten sluiten, nog vanaf 50 jaar met brugpensioen kunnen. Vanaf 1 januari wordt de minimumleeftijd opgetrokken tot 52 jaar.

Dat ook deze toeleveringsbedrijven sluiten, komt omdat ze alleen voor Ford werken. Ze hebben quasi geen andere klanten. Men zou ze dat kunnen verwijten. Dat doen we niet. Het is namelijk zo dat de autoconstructie zich concentreert. We evolueren naar minder maar grotere fabrieken. Gelijktijdig stelt men een concentratie van toeleveringsbedrijven rond die autofabrieken vast. De meeste van de bedrijven die gisteren hun sluiting aankondigden, hebben ook rond andere autoconstructeurs vestigingen. Dat is de reden waarom de bedrijven in Genk niet kunnen toeleveren aan Ford in Valencia waar vanaf 2014 de Mondeo, de S-Max en de Galaxy zullen gebouwd worden. Die concentratie van toeleveranciers rond de autofabrieken is mee ingegeven door het just in time-principe. In Genk ging het zelfs zover dat er een conveyor werd gebouwd, een soort van transportband tussen de toeleveringsbedrijven en Ford die het mogelijk maakt om de onderdelen just in time én ook nog eens just in sequence (juist op tijd en in juiste volgorde) toe te leveren.

De vakbonden bij de toeleveringsbedrijven vragen voor hun werknemers dezelfde financiële tegemoetkomingen als die voor de Ford-werknemers. Dat ligt in principe niet voor de hand. De onderhandelingen zullen bedrijf per bedrijf moeten gevoerd worden. De toeleveringsbedrijven hebben niet dezelfde financiële mogelijkheden als Ford.

Toch hebben de vakbonden bij de toeleveringsbedrijven een been om op te staan. Het werk bij de toeleveringsbedrijven werd eerst binnen Ford zelf gedaan en vervolgens afgesplitst om goedkoper te kunnen werken. Daarna kwam er de conveyor op vraag van Ford, die was nodig om de fabriek in Genk te verankeren. Om al deze redenen lijkt een zelfde regeling voor de werknemers van de toeleveringsbedrijven als voor de Ford-werknemers verdedigbaar. De vakbonden bij Ford Genk moeten daar werk van maken bij hun onderhandelingen met Ford. Ook de directies van de toeleveringsbedrijven moeten met de vuist op tafel slaan bij Ford Europa.

door Eric Donckier