Songfestival

Het verband tussen Eurosong, de Apartheidsmuur, de Israëlische kolonisatie en het slopen van Palestijnse huizen

Dr. Guido Vanham, Artsen voor vrede - Lier

Zaterdag 15 mei herdachten de Palestijnen de "Nakbah" of Catastrofe, het verlies van hun land in de oorlog van 1948. Het is wel bekend dat deze oorlog gepaard ging met het op de vlucht drijven van 750,000 Palestijnen (60 % van de toenmalige bevolking). Minder bekend is dat het Israëlische leger toen meteen 413 Palestijnse dorpen met bulldozers van de kaart veegde en dat het Joods Nationaal Fonds zich zomaar 90 % van de Palestijnse gronden zonder vergoeding toeeigende. Op deze gronden werd de Joodse Staat opgericht. Het Westen zag dit gebeuren en steunde het. De Palestijnse vluchtelingen kregen kruimels en moesten braaf zijn.

De vernieling van Palestijnse huizen is sinds 1967 ook in de Bezette Gebieden doorgevoerd. Het "Committee against House Demolition" van de Joodse professor Jeff Halper berekende vorig jaar dat er sindsdien al meer dan 10,000 Palestijnse huizen waren vernield. In het afgelopen jaar is het tempo van vernielingen nog opgedreven, vooral in de Gazastrook. In Rafah werden op de verjaardag van de Nakbah nog maar eens een honderdtal huizen van gewone mensen afgebroken. Deze nakomelingen van de vluchtelingen van 1948 kunnen, zoals toen, opnieuw onder de blote hemel slapen. Deze vorm van etnische zuivering wekt nog nauwelijks belangstelling, laat staan verontwaardiging bij de Westerse media en politici, behalve als er een Westerling zich voor de bulldozers gooit, zoals vorig jaar het geval was met de Amerikaanse Rachel Corrie.

Het moet gezegd dat Israël niet alleen vernielt, het bouwt ook op. Sinds 1967 werden in Bezet Oost-Jeruzalem, de Westbank en de Gazastrook duizenden mooie nieuwe huizen gebouwd voor in totaal bijna 450,000 Joodse kolonisten. Net zoals in 1948 binnen de Israëlische grenzen, gebeurt dit in de Bezette Gebieden opnieuw op grond die zonder vergoeding van de Palestijnen wordt afgenomen, vaak ook op de plaats waar Palestijnse huizen werden vernield. Daarenboven bouwt Israël een stevige Apartheidsmuur dwars door Palestijns gebied en is de hele Gazastrook netjes van de buitenwereld afgesloten door prikkeldraad onder stroom. Dit alles wordt uitdrukkelijk veroordeeld door talrijke VN Resoluties en door de Conventie van Genève, maar het gaat wel elke dag gewoon door.

Als een dergelijke massale vernieling van huizen en verdrijving van één bevolkingsgroep gepaard met constructie van woningen voor een andere bevolkingsgroep in om het even welk land van de wereld zou plaatsvinden, zou iedereen spreken van racisme en zouden internationale sancties of zelfs militaire interventie niet uitblijven. Denk maar aan Kossovo. Voor Israël geldt dat blijkbaar niet. Soms is er wat zwak verbaal protest, maar niemand onderneemt hier echt iets tegen.

Nochtans stipuleert het Associatieverdrag tussen Israël en de Europese Unie dat toepassing van de Mensenrechten een voorwaarde is voor de economische gunsttarieven. Maar wat gebeurt er: niet alleen is de roep om het verdrag op te zeggen binnen het Europees parlement verstomd, de economische relaties met Israël bloeien als nooit tevoren. Israël is ook het enige geografisch volledig Aziatische land, dat aan allerlei Europese programma's en competities meedoet. Niemand stelt daar vragen bij.

Op 15 mei, de verjaardag van de Nakbah, werd op Eurosong een straalverbinding met Jeruzalem gelegd en verscheen op het scherm de kaart van "Groot-Israël" zoals het door Sharon en alle zionisten gedroomd wordt: het ganse gebied tussen de Middellandse Zee en de Jordaan, met inbegrip van bezet Oost-Jeruzalem, de Westbank en de Gazastrook. Hiermee is er weer een propagandaslag gewonnen, want honderden miljoenen kijkers hebben nu de impliciete boodschap gekregen dat de Palestijnse Gebieden gewoon een deel zijn van Groot Israël. Welk ander land zou een kaart durven tonen, die in tegenspraak is met het internationaal recht? Toch is dat geen probleem, als het over Israël gaat.

Hoe komt dat toch allemaal?