©  BELGA

Belgische beloften blijven zonder medaille achter: “Sterk gereden, maar niet beloond”

De Belgische beloften toonden zich vrijdag op het WK voor beloften met een attractieve en attente koers, maar slaagden er niet in om die prestaties te verzilveren met een podiumplaats.

md, wvo, gvdl

Jenno Berckmoes (21)werd met een tiende plek uiteindelijk de best geklasseerde Belg. “Ik merkte dat ik vooraan bij de beteren was. Ik voelde ook echt dat ik een goede dag had. Het was een koers die mij lag, maar ik kreeg de snelle mannen er niet af. Ik ben niet traag, maar ik wist dat ik kansloos was in de spurt tegen een Olav Kooij. Er zat nog wel iets op in de spurt, maar het was redelijk hectisch en het was ook sprint meer voor de overwinning. Dat is niet hetzelfde. Het is jammer. Ik had graag voor de zege gefietst en ik had wel een dag om misschien wel te winnen.”

“Het was onze tactiek om overal mee te zijn en ons nergens kapot te rijden. Fabio (Van den Bossche, nvder.) deed het perfect, hij zette ons in een zetel. En op het moment dat Alec (Segaert, nvdr.) anticipeert had hij eigenlijk al aangegeven aan mij dat hij zich niet zo goed voelde. Ik was een beetje verrast dat hij meesprong. Achteraf gezien had ik misschien beter meegesprongen, maar op dat op moment was er twijfel in de koers. Dat is altijd een beetje gokken. Alec had dat goed gezien, ik en Lennert waren een beetje aan het slapen.”

Alec Segaert pakte vier dagen geleden al zilver in de tijdrit en in de wegrit was het amper 19-jarige raspaardje van Lotto-Soudal mee met de kopgroep die uiteindelijk voor de wereldtitel zou strijden. Helaas moest Segaert op de laatste beklimming van Mount Pleasant zijn medevluchters laten rijden. “Het is zeker jammer dat mijn medevluchters tot aan de meet rijden. Maar er zat niks meer op bij mij. Op die laatste beklimming van Mount Pleasant was het harken tot boven. Al halverwege de wedstrijd voelde ik dat het niet super draaide op die helling. Ik was telkens als laatste nipt mee met de rest. Ik wilde vooral mijn ploegmaats in een zetel zetten. Ik wist ook nooit hoeveel onze voorsprong was. Toen ik loste op Mount Pleasant dacht ik dat ik snel overvleugeld zou worden door het peloton, maar dat viel wel mee. Pas in de laatste meters kwamen ze mij voorbij. Ik heb nog geprobeerd om in dienst van de ploeg het gat te dichten, voor mezelf zat er niks meer in. We wisten dat we hier met een sterke Belgische ploeg aan de start stonden maar dat het moeilijk zou worden om het af te maken. In het slot zaten we nog met vier Belgen bij de laatste twintig. Dat kunnen weinig landen zeggen. We hadden helaas niet de rapste man. Ik hoop dat ik over één à twee jaar ook genoeg kilometers in de benen heb om mee te spelen voor de wereldtitel.”

Fabio Van Den Bossche (22) kleurde het WK voor beloften door deel uit te maken van de vroege vlucht die het tot bij het ingaan van de finale voorin zou uitzingen. “Ik was één van de drie renners die door de bondscoach waren aangeduid om mee te schuiven in een ontsnapping in het eerste deel van de wedstrijd. Het was een ideaal scenario. Duitsland en Frankrijk - twee grote blokken - waren mee. De kopgroep had iets groter mogen zijn. Dan hadden we nog iets meer krachten kunnen sparen. We rijden tactisch een goede race, maar we worden niet beloond met een resultaat. Voor ons was de wedstrijd één ronde te lang. Het parcours was echt zwaar. Er zijn weinig punten om te recupereren.”

Meer over WK Wielrennen

Aangeboden door onze partners