© Eric Stukken

© Eric Stukken

© Thierry De Bock

© Maarten Bouwman

thumbnail:
thumbnail:
thumbnail:
thumbnail:

Limburgs Landschap: Slangenarend

Beringen -

Dirk Ottenburghs, directeur van natuurvereniging Limburgs Landschap vzw, leidt ons rond in de wondere wereld van fauna en flora in de Limburgse natuur.

Dirk Ottenburgs

Het zijn er niet een, niet twee, maar minstens drie die in Koersel (Beringen) momenteel rondvliegen: slangenarenden. Tijd om eens een kijkje te gaan nemen, dacht ik. Want hoewel ze elk jaar wel ergens opduiken in Vlaanderen, blijven deze roofvogels bij elke vogelkijker tot de verbeelding spreken.

Elke zomer komen een aantal exemplaren op bezoek. ‘Overzomeren’ noemen ze dat. Voor het overgrote deel gaat het om jonge dieren. Ook deze keer ging het om jonge vogels die vorig jaar ergens in Zuid-Europa uit het ei kropen. Want dat is de regio waar ze broeden. Blijkbaar kiest een aantal ervoor om in ons landje een deel van hun jeugd te komen doorbrengen. Een soort Erasmus-project voor slangenarenden, zou ik het durven noemen.

Drie bij elkaar is toch een stevige traktatie, als je het mij vraagt. We kregen op de aangeduide plek – want vogelaars geven die dingen netjes door aan elkaar – al dadelijk eentje in zicht. Suffend in de top van een dode boom op een respectabele afstand. Ook nog eens met de rug naar ons toe. Zonder de minste aandacht voor die oude mannen met hun verrekijkers. Een gedrag dat nu eenmaal vaak bij pubers hoort. Maar even later ging hij op de wieken. Met statige vleugelslagen gleed hij over de toppen van de bomen.

Dankzij een wespendief die zo vriendelijk was om even in zijn buurt te komen vliegen, werd de grootte van zo'n slangenarend duidelijk. Met een spanwijdte van ruim 1,70 meter is hij een stuk groter dan de roofvogels die wij hier gewend zijn. Het feit dat hij regelmatig naar de bodem keek, gaf aan dat hij een ‘hongertje’ had. In mijn hoofd zag ik al de heroïsche strijd tussen deze roofvogel en een enorme slang die het onderspit moest delven tegen al zijn kracht. Mijn voorstelling werd mogelijk waarheid. Want na een korte pauze, zittend in de top van een den, ging de slangenarend in glijvlucht, met zijn ogen duidelijk gericht op een prooi naar beneden.

Tot zover klopte mijn verhaal. Hij kwam echter wat slungelachtig neer, keek even heel verward rond, om dan met één hap zijn prooi naar binnen te spelen. De twee pootjes die aan elke kant van zijn snavel naar buiten staken, verraden dat het niet om een reusachtige slang ging – die hier trouwens niet voorkomen – maar een groene kikker. Een paar seconden later vloog hij weer op om na een mooie spiraalvlucht terug in de top van de den te gaan zitten. Van die heroïsche strijd kwam niets in huis. De kikker had het – daar ben ik zeker van – liever anders gezien.

Foto’s: Eric Stukken (1+2), Thierry De Bock (3), Maarten Bouwman (4)

https://limburgs-landschap.be

Aangeboden door onze partners

Immo

Jobs in de regio