©  AFP

Tornados pakken opnieuw brons op WK: “We doen de mensen dromen. Al die berichtjes op de gsm, er was blijkbaar veel volk wakker om 4 uur ’s nachts”

Op het vorige WK, in Doha 2019, pakten de Tornados hun eerste brons op een WK outdoor. In Eugene deden ze dat straffe kunstje nog eens over. De Tornados, veertien jaar lang aan de top, vijftien medailles op internationale kampioenschappen, en nog lang niet uitgeteld. “Ons geheim: ook na succes blijven we niet op onze lauweren rusten.”

Hans Jacobs

Dylan Borlée, Julien Watrin, Alexander Doom en de vaste slotloper Kevin Borlée. Een logische keuze was het, het kwartet dat de finale liep. Jonathan Sacoor had zich prima uit de slag getrokken in de kwalificaties, een kantelmoment in zijn seizoen nadat corona hem lang onder de knoet hield. Sacoor werd ingezet om Doom, die dit WK al de meeste 400-meterwedstrijden in de benen had, te sparen.

Vanuit de uitstekende baan vijf, die ze te danken hadden aan hun zege in de reeksen, snelden de Tornados naar het brons (2.58.72). Het Belgische record, waarmee ze vorig jaar vierde eindigden op de Olympische Spelen, bedraagt 2:57.88. De Verenigde Staten behaalden het goud (2.56.17), Jamaica zilver (2.58.58). Kevin Borlée: “We hebben het perfect gespeeld, net zoals we tactisch hadden besproken.”

In zeven finales op internationale kampioenschappen eindigden ze tot hun wanhoop op een zucht van brons, onder meer op de Olympische Spelen van Peking 2008, Rio 2016 en Tokio 2021. In Doha 2019 werd de ban van een WK outdoor gebroken. In Eugene bevestigen de Tornados en staan ze opnieuw op het WK-podium. Kevin: “Dat we zolang moesten wachten voor we twee WK-medailles op een outdoorkampioenschap achter elkaar behaalden, heeft te maken met de concurrentie. Die kun je niet controleren. Wij moeten onze job doen, hoe frustrerend het ook is als je soms naast een medaille grijpt.”

 ©  BELGA

Nu al veertien jaar lang, 29 finales op internationale kampioenschappen, vijf gouden medailles, en nu vijftien medailles: de Tornados blijven een fenomeen op de 4x400m. Kevin Borlée (34) is de man van het eerste uur: “Ik probeer te blijven werken, en dan helpt deze ploeg, mijn familie om mij te motiveren. Het is niet meer hetzelfde als toen ik twintig jaar was, he. Toen hadden we van niets schrik. Dat vuur is er minder nu, zonder dat dat negatief hoeft te klinken. Want ik weet intussen wat ik moet doen, ik speel het meer op ervaring op mijn leeftijd. Ik probeer vooral te genieten.” Of hij er in Parijs zal bijzijn voor de Spelen? “We zien wel, maar dit is wel motiverend.”

Estafettecoach Jacques Borlée is altijd wel in voor een motivatietechniek. Alsof hij het voorspeld had, liet hij een paar uur voor de finale een beeld los van hun expeditie naar het basecamp van de Himalaya. En dat ze genoeg zuurstof hadden om de top te bereiken met een beeld van de Everest. “Het geheim van deze Tornados is dat we nooit tevreden zijn. We stellen onszelf zeer snel in vraag na het succes, rusten niet op onze lauweren. Toen we dit voorjaar wereldkampioen werden in zaal, hebben we gelijk de knop omgedraaid. Het doet plezier dat we bergen kunnen verzetten.” Hij haalt zijn gsm boven. “Al die berichtjes op de gsm, er was blijkbaar veel volk wakker om 4 uur ’s nachts (lacht). We doen de mensen dromen.”

Op naar het EK binnen enkele weken. Dylan: “We hebben nog altijd honger, de hele ploeg, ook mijn broer Jonathan (de tweelingbroer van Kevin, die wegens een blessure niet op dit WK stond) nog.”

Alexander Doom, die zich de laatste jaren heeft opgewerkt tot een vaste waarde: “Ik probeer te groeien in deze ploeg, dat lukt steeds meer. Het niveau van de groep groeit enkel nog maar. Voor ons klein landje mogen we hier trots op. Dat doet dromen voor het EK, ook al zullen de Britten sterk zijn.”

De Belgische ploeg reist maandag af vanuit Portland, via een tussenstop in Chicago. Een lange verplaatsing, met een uurverschil van liefst negen uur. Jacques Borlée: “Ik heb gevraagd of de gemedailleerden van dit WK niet in first class kunnen zetten. Recupereren voor dit WK is nu belangrijk.”

 ©  BELGA

Belgian Cheetahs eindigen zesde

De Belgian Cheetahs eindigden dan weer als zesde in de finale van de 4x400 meter. De Verenigde Staten liepen naar het goud.

Helena Ponette, Imke Vervaet, Paulien Couckuyt en Camille Laus klokten 3:26.29, wat hen de zesde stek opleverde. Talitha Diggs, Abby Steiner, Britton Wilson en Sydney McLaughlin grepen het goud in 3:17.79, voor Jamaica (3:20.74) en Groot-Brittannië (3:22.64).

De Belgian Cheetahs hebben een toptijd op de afstand van 3:23.96, die Naomi Van den Broeck, Imke Vervaet, Paulien Couckuyt en Camille Laus vorig jaar op de Olympische Spelen in Tokio klokten. De troepen van Carole Bam eindigden als zevende op de Olympische Spelen in Tokio en als zesde in Belgrado op het WK indoor in maart.

Naomi Van den Broeck, Imke Vervaet, Helena Ponette en Camille Laus liepen zaterdag in de reeksen naar 3:28.02, goed voor de vierde totaalchrono.

Negatief: de estafettecoach voelt zich niet gesteund door de federatie, zo gaf ze van de week aan. Als één blok staan de meiden achter haar, zo reageerden ze bij onze man in Eugene. “Wij zijn supercontent over haar.”

Meer over Kevin Borlée

Aangeboden door onze partners