©  Tom Palmaers

Wandelchallenge 5: op zoek naar het vliegend hert langs de holle wegen van Voeren

Voeren -

Al ooit gehoord van een ‘bocagelandschap’? Dan biedt de natuur van Voeren de gelegenheid om er kennis mee te maken. Een afwisselend landschap met akkers, hagen, weiland, struweel en holle wegen, waar het vliegend hert nog thuis is.

Rudi Smeets

In de jaren zestig, zeventig en tachtig van de vorige eeuw haalde Voeren vooral het nieuws door de taalstrijd, die in 1987 zelfs leidde tot de val van de federale regering. Vandaag is de gemeente van burgemeester Joris Gaens vooral bekend als een leuke bestemming voor fietsers en wandelaars, die er komen genieten van de heuvelachtige natuur en de landelijke stilte. Shorttrippers vinden er een uitgebreid aanbod aan B&B’s en eetgelegenheden.

 ©  Tom Palmaers

De afgelopen jaren boomde het toerisme zodanig, dat het lokale bestuur erover moet waken dat de rust niet wordt verstoord door foutparkeerders en fietsterroristen, een substantief dat ex-burgemeester Huub Broers niet schuwde om roekeloze fietsers de les te spellen. Tijdens deze wandeling is de overlast van voorbijrazende tweewielers niet zo groot, want ze verloopt hoofdzakelijk over onverharde wegen.

Het vliegend hert. ©  ycs

We vertrekken van de parking in de Boomstraat naar knooppunt 24 en komen via Mennekesput snel aan de eerste holle weg. Voor een goed begrip: holle wegen ontstonden door een combinatie van uitslijting door regenwater en het gebruik als toegangsweg voor landbouwers naar hoger gelegen akkers en weilanden. Op de bermen ontstond een gevarieerde vegetatie met ertussen een microklimaat dat dieren en insecten aantrok.

 ©  Tom Palmaers

Dassen

“In Vlaanderen zijn er nog twee plaatsen waar je het vliegend hert (een grote, met uitsterven bedreigde kever, nvdr.) aantreft: het Zoniënwoud en Voeren”, zegt Christel Cornelissen, gebiedscoördinator van Regionaal Landschap Haspengouw en Voeren. Tijdens een tocht van 7,3 kilometer benadrukt ze dat er in Voeren veel aandacht wordt besteed aan het beheer van de holle wegen.

“Om de rijke flora in stand te houden, is het noodzakelijk dat er tussen de bermen voldoende lichtinval is. Daarom moeten struiken en overhangende bomen geregeld gesnoeid worden”, benadrukt ze. We zijn nog geen driehonderd meter ver als we op beide bermen een dassenspoor zien. Verderop komen we nog enkele indrukwekkende burchten tegen. Merkwaardig hoe die marterachtigen zich een ondergronds onderkomen weten te verschaffen.

Christel Cornelissen, gebiedscoördinator van Regionaal Landschap Haspengouw en Voeren. ©  Tom Palmaers

Verscheiden landschap

We trekken het veld in en stellen op aangeven van Christel vast dat het uitzicht erg verscheiden is. “Een typisch bocagelanschap”, verduidelijkt ze. “Kenmerkend zijn de kleine landschapselementen. Dat komt omdat je hier nog veel kleine agrarische bedrijven hebt met pakweg dertig à honderd koeien. De landbouwers houden de natuurlijke omgeving mee in stand. Voor loonwerkers met hun mastodonten van machines zijn hagen en bosjes vooral een last. Allemaal het gevolg van schaalvergroting.”

 ©  Tom Palmaers

“In Voeren wordt 66 procent van de oppervlakte gebruikt voor landbouw. Iets meer dan dertig procent behoort tot Natura 2000, een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden. Dat komt overeen met bijna 1.600 hectaren. Ongeveer de helft daarvan bestaat uit oude boskernen, de andere helft uit bijzondere beekvalleien en topnatuurgraslanden. Het gevarieerde landschap is een zegen voor de biodiversiteit. Voeren heeft dertien Europees beschermde diersoorten. Daaronder het vliegend hert, de hazelmuis, enkele zeldzame vleermuizen en de grauwe klauwier, het kleinste roofvogeltje van Vlaanderen.”

Trichterbeeldje

We passeren het Trichterbeeldje, een kapelletje waar twee holle wegen bij elkaar komen. Op het fronton staat een Latijns aforisme: In hoc signo vinces (In dit teken zal je overwinnen). De spreuk wordt toegeschreven aan de Romeinse keizer Constantijn de Grote, die in een visioen een oplichtend kruis aan de hemel zou gezien hebben. We stappen verder, tot Christel wijst op een betonnen bak die half verborgen ligt onder een haag.

 ©  Tom Palmaers

“Een ideale biotoop voor de vroedmeesterpad, een kleine pad die hier kan overleven dankzij het bocagelandschap”, preciseert ze. Enkele stappen verder bevinden we ons op het grondgebied van de Nederlandse gemeente Eijsden-Margraten. Natuur laat zich niet onderbreken door een toevallige, door de mens getrokken grens. Net als op Belgisch grondgebied worden de weilanden hier dubbel gebruikt: voor vleeskoeien en hoogstamfruit.

 ©  Tom Palmaers

Na knooppunt 14 lopen we rechtdoor en wijken we even af van het wandelnetwerk. In de verte ligt de uitkijktoren van Mesch, die uitzicht biedt op het Waalse hinterland, de Voerstreek en Eijsden. Op de terugweg zien we hoe de Voer zich langs een snoer van knotwilgen slingert. Een plaatje. Verbaast het dat wandelaars zich hier thuis voelen? Mocht die vraag wat uitleg behoeven: jaarlijks verkoopt Toerisme Voerstreek 3.000 wandelkaarten. Cijfers liegen niet.

Praktisch

Wandelen langs holle wegen in een lus rond ’s Gravenvoeren. De paden zijn goed bewandelbaar, geen probleem voor een all road kinderwagen.

Signalisatie

Knooppunten: 24-25-26-17-16-15-14-13-16-17-25-24. Bij knooppunt 14 kan je even van het wandelnetwerk afgaan en wandelen naar de uitkijktoren in Mesch (700 meter). Keer dan terug naar knooppunt 14 en wandel verder naar knooppunt 13.

Start

Parkeren in de Boomstraat (gratis) – Dan naar Toerisme Voerstreek (Pley 13) – wandelknooppuntenkaart: 8 euroInfo: www.voerstreek.bewww.rlhv.be

 ©  Tom Palmaers

Meer over De Limburgse Wandelchallenge

Aangeboden door onze partners

Niet te missen