©  luc daelemans

Limburgse legendes: hier doodde een jongeman ooit “de duivel” (of dat dacht hij)

Goesting duikt al wandelend in de geschiedenis van Limburgs meest intrigerende legendes. Dat brengt ons naar de Kluis van Vrijhern (Hoeselt), waar een dorstige varkenshoeder ooit “de duivel” neerstak. “Het was hier net The Far West.”

Koenraad Nijssen

Driekoningenavond, late middeleeuwen. Bij het eten van de traditionele koningskoek heeft het lot bepaald dat een jonge varkenshoeder uit Vrijhern de koning is. Dat betekent trakteren, en de jongeman haast zich over de Papenberg naar Sint-Huibrechts-Herne om daar jenever te kopen. Aan een kruispunt tussen beide woonkernen ligt zijn collega-knecht in hinderlaag, een koeienvel op de kop, om hem eens flink schrik aan te jagen. Als de jonge “koning” vlakbij is, springt zijn oudere collega recht en brult: “Ik ben de duivel!” Onvervaard haalt de varkenshoeder uit met de mesthaak die hij voor alle veiligheid meegenomen heeft en “de duivel” stort dood neer…

Arnould Daenen (rechts) aan de Kluis van Vrijhern, waar hij mee een boek over schreef. 

Arnould Daenen (rechts) aan de Kluis van Vrijhern, waar hij mee een boek over schreef. ©  Karel Hemerijckx

Ergens rond Driekoningen 2022 wacht Arnould Daenen, lid van de Hoeseltse Geschiedkundige Studiegroep en medeauteur van een uiterst leesbaar boek over de Kluis, ons aan die Kluis van Vrijhern op. Deze gedreven gids kent de legende van kindsbeen af. “Mijn overgrootvader, Elias Daenen, woonde in Vrijhern en mijn grootouders hadden aan de Hernerweg een kruidenierswinkel. Het verhaal werd in mijn kindertijd nog steeds verteld.”

Niet bij Hoeselt

De verrukkelijke vallei van de Lerebeek, waar de maretak - of ‘duivelsgras’ - welig tiert in de boomtoppen.  

De verrukkelijke vallei van de Lerebeek, waar de maretak - of ‘duivelsgras’ - welig tiert in de boomtoppen.  ©  luc daelemans

Voor vertrek nog even de puntjes op de i. “Dit is een knooppunt van grenzen: Sint-Huibrechts-Hern, Vrijhern, Riksingen, Henis, Werm. Maar opgelet: historisch had Vrijhern niets met Sint-Huibrechts-Hern te maken. Dat laatste was Loons, terwijl Vrijhern bij het Luikse Tongeren hoorde. Tot 1793 vormde Vrijhern een apart gebied met twee eigen dorpsmeesters, maar op kerkelijk vlak viel het onder Riksingen. De grond voor de Kluis werd in de 17de eeuw dan ook nog door de heer van Werm geschonken. Na 1793 werd Vrijhern bij Riksingen gevoegd en pas na de fusies van 1976 ging het naar Hoeselt.” Een ingewikkeld kluwen, dat na het vertrek van de laatste kluizenaar in 1905 voor decennialang geruzie tussen Werm en Riksingen zou zorgen.

“En vergeet niet hoe afgelegen Vrijhern destijds was”, duikelt hij de Ferrariskaart uit 1777 op. “Achter een bosgebied en een hoge zandberg liep de oude heirbaan van Tongeren naar Nijmegen – nu nog terug te vinden in de Sint-Annastraat. Ten noorden van de woonkern die eeuwenlang nauwelijks vijf hoeves en een tiental werkmanhuisjes telde, liep de weg tussen Alt-Hoeselt en Sint-Huibrechts-Hern, nu de Hernerweg. Door Vrijhern liepen slechts twee wegen: eentje die van de Hernerweg aftakte – nu de Vrijhernstraat – en de oude weg van Riksingen naar Sint-Huibrechts-Hern – nu de Papenbergstraat. Zij spelen een rol in de legende. De drukke Bilzersteenweg kwam er pas rond 1840.”

Duivelsgras

De Kluis van Vrijhern. 

De Kluis van Vrijhern. ©  luc daelemans

Met ‘Vrede en alle goed’ wuift de in de Franciscaanse spiritualiteit gedrenkte Kluis de blauwe wandeling uit. Hoewel we het over de duivel moeten hebben, trekken we eerst langs de eeuwenoude Sint-Annakapel. “Die trok al voor de start van de Kluis heel wat pelgrims aan maar lag eigenlijk buiten de dorpskern.” Na een bijzondere aandacht voor alle oma’s en opa’s, draaien we wat verderop rechts de verrukkelijke vallei van de Lerebeek in. Aan de “sjunste boom van Hoeselt” gaat het rechts de Vrijhernstraat in, onder meer langs de historische Paulushoeve die al op de Ferrariskaart voorkomt.

“Er was volgens de bronnen veel criminaliteit en weinig gezag, zodat bijna iedereen zich bewapende”

Arnould Daenen van de Geschiedkundige Studiegroep Hoeselt

“Die hoeve is sindsdien opgeschoven, mogelijk door de bronnen rondom. Het was niet makkelijk overleven op deze stenige heuvelflanken – let op toponiemen als Steenveld, Steendries en Keiberg – en de natte valleien. Overal zie je maretak aan oudere populieren en fruitbomen.” Maretak of ‘duivelsgras’, en zo zijn we naadloos terug bij de legende van het Duivelskruis. “De hoeve waar het boerengezin en de twee knechten van de koningskoek smulden, moet hier ergens gelegen hebben”, wijst Arnould Daenen de rechts omhoog draaiende Vrijhernstraat in.

(lees verder onder de foto)

 

 ©  luc daelemans

Bokkenrijder

“Wanneer? Ergens tussen 1260 – wanner Vrijhern voor het eerst wordt vermeld – en 1580, wanneer het ‘Duijvels Cruijs’ voor het eerst in een document wordt vernoemd. Op de website ‘Hoeselt vrugger’ hebben we de vele varianten van het verhaal samengevat. De rode draad: iemand wil de jongeman die jenever gaat halen doen schrikken en hangt een rundsvel met hoorns om. Terwijl de ene via de holle weg over de Papenberg trekt, haast de andere zich via de andere route. Dat de jonge koper een mesthaak meeneemt om zich te beschermen, weerspiegelt de uiterst gewelddadige tijden waarin onze voorouders eeuwenlang leefden. Omdat de grote heren geïnteresseerd waren in Tongeren en vooral Maastricht, passeerden onder meer de legers van Willem van Oranje, de Spaanse IJzeren Hertog Alva, Malbroek (De Engelse hertog van Marlborough, nvdr.), Lodewijk XIV en XV van Frankrijk in en rond Vrijhern.”

Plunderingen en aanrandingen drijven lokale bewoners in de armoede. Sommigen beginnen in deze uithoek zelf aan een criminele carrière. “Dat was hier lange tijd the Far West! Er was volgens de bronnen veel criminaliteit en weinig gezag, zodat bijna iedereen zich bewapende. De beruchtste inwoner van Vrijhern is waarschijnlijk Bonen Pé of Petrus Teunissen, die na een reeks overvallen en bedreigingen in 1718 in Tongeren wordt gearresteerd en gemarteld. Dat zorgt dan weer voor een legende in Berg, waar onze eigen bokkerijder is opgehangen…”

Kapel aan Duivelskruis

Enkel een bescheiden staakkapel herinnert aan de gruwelijke gebeurtenis. 

Enkel een bescheiden staakkapel herinnert aan de gruwelijke gebeurtenis. ©  luc daelemans

Terug naar het Duivelskruis. Volgens de legende bekoopt de ‘duivel’ – soms ook weerwolf – zijn poets met zijn leven en wordt hij ter plekke, aan het kruispunt tussen de twee oude wegen door Vrijhern, begraven. Daar verrijst het befaamde kruis dat er eeuwenlang heeft gestaan, maar intussen ook weer verdwenen is. Vandaag herinnert alleen een bescheiden staakkapelletje aan de feiten.

De blauwe wandeling snuffelt even aan de Tommen – “verwijst naar drie Romeinse tumuli” – in Sint-Huibrechts-Hern en keert dan langs het bloedmooie Steenbroek terug naar Vrijhern. Aan “de sjunste boom” even naar links en langs het prachtige wandelpad terug naar de Kluis. Daar kan je op zondag napraten in cafetaria ‘In d’Oude Gewoonte’ of iets verderop iets genieten in de Hogelandhoeve. Of genieten van de oranje wandeling, de Kluizenaarstocht, waarbij je je door een handige app kan laten begeleiden.

(lees verder onder de foto)

 

 ©  luc daelemans

Praktisch

Aard van de tocht? Niet zo lange tocht met wat klimmen en dalen. Stevig schoeisel nodig, enkele modderige stukken.

Afstand/signalisatie?

Blauwe route: 4,9 km

Oranje route: 7,1 km

Parking/start

Greenspot/Kluis Vrijhern, Kluisstraat 1, Hoeselt

Meer over Goesting fietsen en wandelen

Aangeboden door onze partners

Niet te missen