©  BELGA

Mark Cavendish over waarom hij rechtstond na crash in Gent en mentale problemen: “Het was bijna karma dat ik een depressie kreeg”

Mark Cavendish (36) hield aan zijn vreselijke smak tijdens de Gentse Zesdaagse twee gebroken ribben en een lichte klaplong over. Maar in januari wel hij alweer op de fiets zitten. Van mentale weerbaarheid gesproken, maar dat is niet zo vanzelfsprekend.

Vincent Van GenechtenBron: The Sun

Cavendish is sinds een dikke week thuis. Hij werd door zijn echtgenote Peta Todd persoonlijk naar huis gebracht nadat hij enkele dagen ter observatie in het UZ Gent had doorgebracht. Afgelopen vrijdag deelde hij nog een foto met zijn zoontje Casper. Die was er op die bewuste zondag bij toen zijn papa ten val kwam. Op beelden was te zien hoe hij door iemand werd weggedragen zodat hij de tussenkomst van het medisch personeel niet hoefde te aanschouwen.

Maar Casper lijkt het voorval intussen helemaal vergeten, mede dankzij Cavendish zelf.

“Ik wist meteen na de crash dat er schade was, dus ik was wel wat bang”, aldus de Britse sprinter bij The Sun. “Maar de kids waren aanwezig en dus was mijn instinct om meteen recht te staan, zodat ik kon laten zien dat ik in orde was. Ik ben naar de kleedkamers gewandeld, om daar op een brancard te gaan liggen en in de ambulance gezet te worden.”

Cavendish sprak opnieuw van een “freak accident”. Hij viel dan ook door water op de piste van Gent. “Ik viel op mijn fiets, brak een paar ribben en er zat een gat in mijn long. Dat gat bevindt zich achter mijn hart, wat alles wat moeilijker maakt om op te volgen. Je ziet dat namelijk niet op röntgenfoto’s. Maar ik overleef het wel, hoor.”

 

 ©  BELGA

Mentale kracht

Die laatste zin toont de mentale weerbaarheid van Cavendish. In januari wil hij alweer op de fiets zitten. “Je kent, als topsporter, je eigen lichaam goed genoeg om te weten wat de hersteltijd is van zo’n blessures”, klinkt het. “We zijn het wel gewoon om botten te breken en longen herstellen vrij snel. Ik zou dus normaal gezien binnen enkele weken opnieuw in het zadel moeten zitten. Ik ga misschien later aan mijn seizoen beginnen en een tijdje pijn hebben, maar ik herstel goed.”

Of dat bij Quick-Step zal zijn, dat is nog gissen. Maar het voorbije seizoen stond Cavendish er opnieuw na enkele magere jaren. Door blessures, een virus en depressie.

“In 2017 trainde ik wel, maar ik werd overmand door vermoeidheid”, geeft ‘Cav’ toe. “Dat virus van Epstein-Barr is een laffe ziekte. Het komt boven wanneer je fysiek of mentaal moe bent. Of wanneer je stress hebt. Het zit daar te wachten tot het een makkelijke manier heeft gevonden om weer op te komen. Ik was het jaar voordien top, dus zat daarna waarschijnlijk gewoon over mijn limiet.”

Daarna kwamen naast de fysieke ook de mentale problemen. “Het was bijna karma dat iemand als ik een depressie kreeg”, stelt Cavendish, die eerder in zijn carrière geen oog had voor zulke zaken. “Daarom ben ik ook niet bang om erover te praten. Depressie gaat niet over medelijden hebben met jezelf omdat de zaken niet lopen zoals je wil. Het is een medische aandoening die je niet zelf kan controleren. Ik veranderde gewoon. Ik was mezelf niet meer. Ik voelde niets meer, voor niets of niemand. Het is best moeilijk om te beschrijven. Maar nadat ik wel eens zei dat dit alles nonsens is, kan ik nu stellen dat mentale gezondheidsproblemen serieus zijn.”

 

 ©  EPA-EFE

Cavendish raadt mensen dan ook aan om zichzelf hoorbaar te maken als ze zichzelf niet goed voelen. “Er open over zijn, kan al genoeg zijn om geholpen te worden. Voor Peta en onze kids was het zwaar. Ons gezin heeft ervan afgezien, tot op de dag van vandaag. Maar Peta was sterk en heeft me erdoor gesleurd. Een depressie verandert je leven en je bent nooit nog dezelfde persoon. Maar je kan verdergaan in het leven, terug positieve dingen meemaken. Kijk naar mij dit jaar. Ik wist dat ik ooit zou terugkeren op mijn beste niveau. Vanaf nu wil ik gewoon zo veel mogelijk winnen. En ik heb het geluk om te kiezen wat ik na mijn carrière ga doen.”

Meer over Mark Cavendish