Kasseien, twee tijdritten en vijf aankomsten bergop: bekijk hier de sleutelritten van de Tour de France 2022

Een Roubaix-rit, twee tijdritten en vijf aankomsten bergop. De Tour de France 2022 kondigt zich als zeer uitdagend aan. Bekijk hier alle sleutelritten.

Hugo Coorevits

Rit 1: Kopenhagen - Kopenhagen (vrijdag 1 juli) - 13km, tijdrit

Le Grand Départ is met een jaar vertraging dan toch in Denemarken, dat voor het eerst de Tour ontvangt. De openingstijdrit is voor het eerst sinds Düsseldorf 2017 terug. Het wordt een chrono van 13 km lang in het centrum van Kopenhagen die langs alle bezienswaardigheden loopt. Zo goed als biljartvlak maar er zijn wel veel bochten.

Rit 5: Rijsel - Arenberg (woensdag 6 juli) - 155 km

Dé kasseienrit. In totaal zijn er 19,4 kilometer kasseien. Verdeeld over elf stroken die in lengte variëren van 1,3 tot 2,8 kilometer. Nieuw is wel dat er vijf ‘secteurs’ bij zijn waarop nooit eerder Parijs-Roubaix plaatsvond. Het zijn de eerste vijf die worden aangedaan. De eerste zone ligt op 80 km van de finish. De laatste (Hasnon, 1600 meter) eindigt op dik vijf km van de aankomst die voor de gesloten mijnsite ligt.

LEES OOK. Titelverdediger Pogacar ziet mooi parcours: “Interessant van eerste tot laatste rit”

 

 © ASO

Rit 7: Tomblaine - La Super Planche des Belles Filles (vrijdag 8 juli) - 176 km

De eerste echte confrontatie bergop onder de kandidaat eindwinnaars. Net als in juli 2019 toen Teuns won, eindigt de rit boven in het grind. Vandaar La Super Planche des Belles Filles, die voor de zesde keer in tien jaar tijd wordt aangedaan, en die ook eindpunt is van de eerste Tour de France voor vrouwen.

 

 © ASO

Rit 11: Albertville - Col du Granon (woensdag 13 juli) - 149 km

De tweede aankomst bergop, maar tegelijk een bergetappe die samen met de rit van daags nadien als étape de reine kan omschreven worden. De Col du Granon (2.413 meter) is sinds 1986 niet meer beklommen geweest. Nog vóór de slotklim moeten ze de Galibier over dat met 2.642 meter het dak is van deze Tour.

 

 © ASO

Rit 12: Briançon - Alpe d’Huez (donderdag 14 juli) - 166 km

Een Quatorze Juillet die in de benen zal hangen, want de bergrit telt 4.750 hoogtemeters. Het klimfestival begint opnieuw met de Galibier (dit keer via de Lautaret) om dan langs de Croix de Fer naar de 21 bochten tellende iconische eindklim af te stevenen. Hiermee viert de Tour de 70ste verjaardag van de allereerste finish op hoogte.

 

 © ASO

Rit 16: Carcassonne - Foix (dinsdag 19 juli) - 179 km

Eén van de negen ritten in het middengebergte die deze grande boucle kent. Een overgangsrit naar de echte Pyreneeëncols, maar met de Port de Lers en de Mur de Péguère liggen er twee serieuze valstrikken in voor deze of gene klassementsrenner. Alaphilippe plooide er twee jaar geleden, maar kraakte net niet.

 

 © ASO

Rit 17: Saint-Gaudens - Peyragudes (woensdag 20 juli) - 130 km

Kort maar krachtig. Net als in de Alpen kan er twee dagen op rij hevige oorlog worden gemaakt in de Pyreneeën. Vooraleer in deze heliport aan te komen trekt de Tour over de Aspin, de vervelende Hourquette d’Anzican en de Val Louron-Azet. Wie niet in zijn dagje is, valt uit het klassement.

 

 © ASO

Rit 18: Lourdes - Hautacam (donderdag 21 juli) - 143 km

Het allerlaatste gevecht in de bergen, maar wel eentje dat kan tellen. Van voor het bedevaartsoord gaat de laatste bergrit over de Aubisque naar de Col de Spandelles die nagelnieuw is in de Tour. Tien km lang en gemiddeld acht procent stijgend. Donderdagmiddag kennen we op Hautacam in principe de bergkoning en de potentiële eindwinnaar.

 

 © ASO

Rit 20: Lacapelle-Marival - Rocamadour (zaterdag 23 juli) - 40 km, tijdrit

Dit is het uur van de waarheid. Het is een lastige tijdrit door het heuvelachtige departement van de Lot die tien kilometer langer is dan vorig jaar. Doorlopend op en af, draaien en keren. Net als twee jaar geleden op de Planche des Belles Filles kan het hier nog gebeuren. In totaal telt deze Tour vijf kilometers minder tegen de tijd dan vorig jaar, maar veertig kilometer op het einde van een lastige Tour is moordend lang.

 

 © ASO