©  BELGA

REACTIES. Wout van Aert: “Ik had de benen om olympisch kampioen te worden”

Wout van Aert heeft zaterdag een zilveren medaille veroverd in de wegrit van de Olympische Spelen. Van Aert zorgt zo voor de eerste Belgische medaille op deze Spelen. De olympische titel was voor de Ecuadoriaan Richard Carapaz. “Ik had de benen om te winnen”, reageerde Van Aert achteraf.

Maarten Delvaux

“Ik heb een beetje gevloekt, maar ik denk dat ik het maximum eruit heb gehaald”, was de eerste reactie van Wout van Aert. “Ik denk niet dat er veel jongens bovenuit staken. Ik had de benen om te winnen. Ik wist dat ik in een moeilijke situatie zou terechtkomen na de Mikuni pass. De rest viseerde constant mijn wiel en dat van Pogacar. Maar dat frustreerde mij niet, ik kon het vooraf wel voorspellen. Het was een spervuur van aanvallen. Ik ben tot op het circuit blijven rijden voor de gouden medaille. We kwamen kortbij maar dan zag ik in de verte dat Carapaz McNulty achter liet en dat hij dus nog iets overhad. Dat betekent dat hij een verdiende kampioen is. Knap gedaan, we moeten blij zijn met zilver.”

Van Aert toonde zich terecht tevreden over de sterke koers die hij had gereden. “Op de Mikuni pass heb ik mijn eigen tempo gereden. Het was mijn tactiek om mij niet te forceren en kon uiteindelijk op de top aansluiten. Tactisch hebben we met België de koers gereden zoals we dat wilden. Ik ben blij dat ik mijn ploegmakkers een zilveren medaille kan geven. Het is een bijzonder gevoel. Als je naar het koersverloop kijkt, kon ik niet veel anders doen. Ik had even goed vijfde kunnen zijn en dan is het mooi met een medaille naar huis te kunnen gaan. Ook voor het werk van de hele ploeg en de staf is het een heel ander gevoel dan met lege handen te staan.”

Er moest een finishfoto aan te pas komen om uit te maken of het zilver voor Van Aert of Pocagar was. “Ik wist niet of het zilver of brons was. Ik dacht dat het nipt was. Ik heb voor één keer mijn jump goed getimed.” Van Aert werd vorig jaar ook al twee keer tweede op het WK. “Het is een heel ander gevoel”, zegt hij. “Toen was ik daar niet zo blij mee. Dit is toch iets uniek. Het is zeker een ander gevoel.”

 

 ©  REUTERS

Van Aert toonde alvast opnieuw, net als in de Tour, over zijn topvorm te beschikken. Is hij woensdag dan de te kloppen man in de tijdrit? “Misschien wel. Ik ben echt goed, ben zo uit de Tour gekomen, heb hier ook een goede week gehad op training. Ook van de jetlag en de warmte had ik geen last. Nu moet ik de focus behouden en woensdag opnieuw proberen. Ik zal deze inspanning wel een paar dagen voelen. Ik ben wel echt leeg. Ik heb nu drie dagen rust en hoop woensdag weer dezelfde benen te hebben.”

Remco Evenepoel: “Toen ik voelde dat het iets te rap ging, heb ik de knop meteen omgedraaid”

Remco Evenepoel - de tweede Belgische kopman - toonde zich met en aanval op dik vijftig kilometer van de streep, maar geraakte niet weg en moest uiteindelijk lossen op de Mikuni pass. Evenpoel finishte als 49e, maar was erg tevreden met de zilveren medaille van Van Aert. “Het zilver van Wout is heel leuk. We waren met twee kopmannen naar Tokio gekomen om een medaille te behalen en we hebben er een. Dat is toch het belangrijkste”, reageerde Evenepoel. “Het was een heel zware en vooral warme dag en ik ben niet ontevreden over mijn prestatie.”

“Mijn aanval? Dat was omdat er net een aantal aanvallen geweest waren en ik zag dat iedereen aan het afzien was. Ik kreeg twee goeie renners mee, maar plots schoten andere landen wakker die al een hele koers in de wielen hadden gezeten. We kregen geen gaatje en misschien heb ik daar een aantal procenten van mijn krachten verspeeld die ik later te kort kwam. Dat was niet slim, maar achteraf is dat altijd makkelijk om te zeggen.”

 

 ©  BELGA

Toch houdt Evenepoel een goed gevoel over met het oog op de tijdrit van woensdag. “Het goede gevoel was er echt wel. De benen draaiden goed, maar het moment om te herstellen tussen mijn aanval en die Mikuni pass was iets te kort. Toen ik voelde dat het iets te rap ging, heb ik de knop meteen omgedraaid en het laten lopen met het oog op woensdag. Het tijdritparcours is echt lastig en moet me zeker liggen.”

Knecht Van Avermaet: “Het voelde eigenaardig aan”

Greg Van Avermaet is niet langer regerend olympisch kampioen. De Oost-Vlaming reed in Japan in dienst van het collectief. “Ik had in de meeting al gezegd dat ik van in het begin aan de kop wilde rijden”, reageerde Van Avermaet. “Als ik wacht, dan had ik Fuji misschien kunnen overleven en nog tot aan de voet van Mikuni geraken. Maar daar hadden we mannen genoeg voor. Dus besloten we de koers al vroeg in handen te pakken omdat we met Wout en Remco toch twee favorieten aan de start hadden staan. Het was wel spijtig dat ik er in het begin alleen voor stond. Ik had al eens gesproken met de Italianen en de Fransen maar die hadden blijkbaar geen meeting gehad (lacht). Ze moesten het nog eens gaan vragen, zeiden ze. Daarna besloten we ook te stoppen waardoor de voorsprong van de kopgroep opliep tot achttien minuten. Daarna zijn we terug moeten herbeginnen, gelukkig samen met de Slovenen. Dat was ideaal voor ons.”

Het was wel vreemd om de regerend olympisch kampioen urenlang aan de kop van het peloton te zien sleuren. “Het was niet mijn normale rol en ook voor mij voelde het een beetje eigenaardig aan. En het was evenzeer eigenaardig om af te draaien en daarna de koers te zien passeren. Ik zag al die gezichten passeren waar ik normaal ook bij zou zijn. Ik zag mezelf daar nog tussen rijden. Maar ik wist dat ik vandaag een andere rol had. Na de Tour wist ik dat ik hier niet voor de prijzen zou meerijden en had ik voor mezelf de klik gemaakt om voor de ploeg hier te zijn, om Wout en Remco zo goed mogelijk naar de laatste klim te brengen. Als de olympisch kampioen aan de kop begint te rijden, dan moet dat Wout en Remco motiveren om nog een tikkeltje dieper te gaan.”

Over zilveren Van Aert niets dan lof. “Hij was supersterk en heeft de koers gereden die hij moest rijden. Maar hij is op een paar counters gebotst en het is normaal dat iedereen op zijn wiel koerst. Dan weet je dat het moeilijk te controleren is. De groep was iets te groot, daardoor verliest hij de koers. Maar daar kon Wout niets aan doen. Op het laatste heeft hij nog geprobeerd ernaartoe te rijden. Het was eigenlijk indrukwekkend hoe hij reed, ook op die Mikuni Pass. Dat hij daar nog met de beteren bovenkwam… Dat was iets voor lichtgewichten. Hij kan zichzelf niets verwijten, de ploeg kan zich niets verwijten. We winnen de koers niet maar we staan wel weer op het podium. Leuk! Het bewijst nog maar eens dat het vuur bij de renners is aangewakkerd om naar de Spelen te komen. Wout gaat dit zijn hele leven meedragen. En ik denk dat hij deze week nog een medaille gaan winnen. De tijdrit is minder lastig en ligt hem enorm goed. Ik denk dat hij sowieso een medaille gaat pakken, over de kleur ga ik mij nog niet uitspreken. Drie dagen moeten volstaan om ruim gerecupereerd te geraken.”