©  BELGA

EK INDOOR. Belgian Tornados grijpen naast medaille op EK atletiek, Isaac Kimeli pakt zilver op 3000 meter

De Belgian Tornados hebben zondag op het EK atletiek indoor in het Poolse Torun hun Europese titel op de 4x400 meter niet kunnen verlengen. Het Belgische viertal, bestaande uit Alexander Doom, Jonathan Borlée, Dylan Borlée en Kevin Borlée, finishte als vierde in 3:06.96. Nederland veroverde het goud in 3:06.06, voor Tsjechië (3:06.54) en Groot-Brittannië (3:06.70).

Vincent Van Genechten, Maarten VanhoofBron: BELGA

LEES OOK. Eline Berings blijkt dan toch niet besmet te zijn met corona na negatieve nieuwe test: “Hadden ze me maar sneller hertest”

De Belgian Tornados verdedigden hun Europese titel van 2019 in Glasgow, toen ze wonnen in een tijd van 3:06.27. De drie Borlée-broers werden destijds vergezeld door Julien Watrin.

Ditmaal was Alexander Doom de eerste loper. Hij gaf de stok als vijfde en laatste door aan Jonathan Borlée. Die kon niet opschuiven. Ook Dylan Borlée boekte weinig vooruitgang. Kevin Borlée kon als slotloper als vierde beginnen, maar had een serieuze achterstand op het podium. Hij kwam in het absolute slot nog heel dicht bij een derde plaats, maar het lukte niet.

Zilver voor Kimeli

Eerder op de dag had Isaac Kimeli een zilveren medaille veroverd op de 3000 meter. Kimeli liep naar een tweede plaats in 7:49.41. Robin Hendrix werd twaalfde en laatste in 7:59.86. Het is de vijfde medaille voor de Belgische delegatie op dit zeer succesvolle EK atletiek indoor. Eerder veroverden Nafi Thiam en Noor Vidts goud en zilver in de vijfkamp. Elise Vanderelst won de 1500 meter en Thomas Carmoy pakte brons in het hoogspringen.

“Het is een fantastisch gevoel om voor je land een medaille te pakken”, vertelde Kimeli na afloop. “De voorbije dagen werden we natuurlijk geprikkeld door al die eerdere Belgische medailles. Het deed de goesting voor een nieuwe medaille alleen maar toenemen.”

 

 ©  BELGA

Met Hendrix kon Kimeli rekenen op een landgenoot in de finale en daarnaast was er ook nog zijn Franse ploegmakker Hugo Hay. “Het tactische plan hebben we tot in de puntjes uitgevoerd. Robin moest gaandeweg afhaken, ik denk dat hij zaterdag iets te diep is gegaan in de reeksen. Maar dit zilver maakt veel goed, deze medaille is voor het hele team.”

In de uitslag staat er ook een waarschuwing achter de namen van de Belgen. “We waren een minuut te laat in de eerste callroom. We moesten dus oppassen, want elke fout in de finale zou voor de uitsluiting zorgen. Dat zorgde natuurlijk wel voor wat stress, en dat vlak voor een finale.”

Het goud ging zoals verwacht naar het Noorse fenomeen Jakob Ingebrigtsen, ongenaakbaar. “Het is heel moeilijk om hem te kloppen. Hij schuift naar voren en begint tempo te maken. Dan voel je de verzuring wel komen. Gisteren heb ik hem geklopt in de sprint. Zilver is al heel mooi.”

Verrassend brons in hoogspringen

Thomas Carmoy veroverde zondag verrassend brons in de finale van het hoogspringen. De Wit-Rus Maksim Nedasekau sprong naar het goud.

Carmoy startte probleemloos en ging telkens meteen over de starthoogtes van 2m10 en 2m15. Ook op 2m19 was hij dadelijk succesvol. Nadien had de Carolo wel drie pogingen nodig om over de lat van 2m23 te geraken. Carmoy bleek niet aangeslagen en wipte onmiddellijk over 2m26. De lat van 2m29 bleek te hoog gegrepen, maar dat volstond voor brons. Ook de Duitser Tobias Potye strandde op 2m26, maar Carmoy deed het in zijn eerdere sprongen beter waardoor hij Potye voorbleef.

 

 ©  BELGA

De 23-jarige Nedasekau troefde de Italiaan Gianmarco Tamberi af in de strijd om het goud. Nedasekau sprong over 2m37. De Wit-Rus waagde ook zijn kans op 2m40, maar faalde driemaal. Tamberi pakte het zilver met een sprong over 2m35.

Carmoy plaatste zich voor de finale na een sprong over 2m21 donderdag in de kwalificaties. De 21-jarige Carolo maakte met een stek bij de beste acht zijn EK-doelstelling zo meteen waar. De Europese kampioen U20 van 2019 verbeterde vorige maand zijn persoonlijk record tot 2m28.

Rosius grijpt naast stek in finale

Rabi Rosius had zich in de namiddag niet kunnen plaatsen voor de finale van de 60m bij de vrouwen. De twintigjarige Limburgse eindigde in de eerste halve finale in 7.29, een honderdste van een seconde sneller dan haar ochtendtijd in de reeksen maar wel nog twee honderdsten boven haar persoonlijk record (7.27), op de vierde plaats. Haar chrono bleek uiteindelijk net iets te traag om nog opgevist te kunnen worden.

“Ik had ook niet gerekend op die finale”, vertelde Rosius na afloop. “Ik ben al heel blij dat ik in de halve finale heb kunnen staan en dat ik daarin ook iets sneller was dan in de reeksen. Spijtig wel dat een nieuw PR er niet inzat, want het voelde wel goed. De start was al beter, maar vooral het wachten vooraf duurde echt te lang. Dan is het moeilijk om de concentratie te houden. Toen we moesten starten, waren mijn voeten dan ook nog aan het slapen in mijn spikes.”

 

 ©  BELGA

“Ik heb het beste van mezelf kunnen laten zien. Ik denk dat dit alles was wat erin zat op dit moment, maar dat neemt niet weg dat ik zin heb in meer. Op naar het outdoorseizoen nu. Ik weet dat er nog werk aan de winkel is. Ik had nu nog niet het gevoel dat ik echt vlot aan het lopen was, ik vond niet meteen dat het snel ging. Het kwam er niet helemaal uit. Ik weet ook niet waarom. Misschien wel omdat ik hier niet met mijn eigen trainer ben. Johan weet wel perfect wat hij tegen mij moet zeggen, net voor een wedstrijd. Hopelijk mag hij volgende keer wel mee.”

Op een jaar tijd is Rosius van een nobele onbekende uitgegroeid tot de nieuwste sprintsensatie, de snelste Belgische sprintster sinds Kim Gevaert. “Er is ineens veel aandacht, maar dat is vooral goed voor onze sport. Ik vind het dus wel fijn dat er nu wat meer aandacht voor de atletieksport komt. Hopelijk wordt het niet te veel, maar zoals het nu is, valt het heel goed mee.”

Geen finale voor teleurgestelde Zagré: “Had hier op meer gehoopt”

Anne Zagré kon zich dan weer niet plaatsen voor de finale van de 60 meter horden. Zagré liep in de tweede halve finale naar de vierde plaats met een tijd van 8.08. Dat was onvoldoende om door te stoten. Haar persoonlijk record bedraagt 7.98. De snelste twee loopsters van elk van de drie halve finales plaatsten zich voor de medaillestrijd, samen met de twee beste verliezende tijden. De finale volgt zondag omstreeks 17u15.

De bijna 31-jarige Zagré liep zaterdag in de tweede reeks naar de derde plaats in 8.06, twee honderdsten sneller dan haar halve finale. “Ik ben echt teleurgesteld, want ik had hier zeker op meer gehoopt”, gaf Zagré na afloop toe. “Ik voelde me echt goed, zat goed in de race, maar nu moeten we toch analyseren wat er beter kan, wat er nodig zou zijn om hier toch sneller te gaan.”

Zagré verlegt de focus nu naar het outdoorseizoen. “Nu rusten en nadien opnieuw beginnen te trainen. Normaal gezien vertrek ik op stage naar Belek. Welke competities er zullen volgen, daar moet ik nog over nadenken. Voor Tokio bekijk ik het puntensysteem niet te veel. Ik mik eerder op de olympische limiet.”

Meer over Rani Rosius