Ook veldrijders en entourage moeten vanaf 28 november negatieve coronatest kunnen voorleggen

Ook de veldrijders zullen vanaf zaterdag 28 november een negatieve coronatest moeten kunnen voorleggen, willen zij startrecht hebben. Dat staat te lezen in het aangepaste protocol dat de KBWB vandaag gepubliceerd heeft.

“We kunnen niet langer onder de druk uit”, meldt Jos Smets, algemeen directeur bij de wielerbond. “Van alle profsporters zijn de veldrijders de enigen die geen coronatest moeten voorleggen om aan wedstrijden deel te nemen. Dat viel niet langer te verantwoorden.”

Het oorspronkelijke protocol functioneerde nochtans goed. Elke renner mocht zich laten vergezellen door een bubbel van drie, enkel zij werden in de camper toegelaten. Bij de start droegen de renners hun mondmasker tot twee minuten voor de start zodat de kans op onderlinge besmetting miniem werd gehouden. Met hun strategie wilde de KBWB vooral ook de testcapaciteit niet nodeloos onder druk zetten.

Bij voorkeur PCR-test

De internationale wielerunie UCI benadrukt dat het de voorkeur geeft aan de omslachtige maar meest betrouwbare PCR-test. Toch zal voor de KBWB een antigeen- of sneltest volstaan. Deze kan tot 24u voor de wedstrijd worden afgenomen. Niet enkel de renners moeten een negatieve test kunnen voorleggen. Ook de drie personen die tot de bubbel van de renner behoren - doorgaans de twee personen voor de materiaalpost en hij/zij die de renner aan de finish opvangt - zullen moeten kunnen aantonen dat zij coronavrij zijn. De extra kost die deze test meebrengt, zijn voor rekening van de renners en/of hun werkgever. De bond kiest voor 28 november om renners en ploegen voldoende tijd te geven zich te organiseren.

Materiaalpost

Ook in de materiaalpost zullen er zaken veranderen. Deze veranderingen gaan reeds zondag in bij de SP-manche in Merksplas. De toegang tot en de organisatie in de materiaalpost wordt aangepast omdat er momenteel nog te veel mensen in de materiaalpost in een relatief kleine ruimte op elkaar gepakt zitten. De materiaalpost wordt opgesplitst in 15 boxen met minimaal één mecanicien per renner en een tweede mecanicien voor de nummers 1 tot 30 die mee de fietsen van de renners uit dezelfde box moet aannemen.(gvdl)

Meer over Coronavirus

Nieuwe Video's