COLUMN: Man en paard noemen

Print
Lommel - Rudi Lavreysen schrijft een column over het dagelijkse leven in Lommel.

Een gejaagde dag in de vakantie. Het zou niet mogen, maar toch gebeurt het. De was en de plas is er altijd en er moet gewinkeld en gekookt worden, want eten en drinken houdt lijf en ziel bijeen. In de winkel was ik gepresseerd om zo snel mogelijk de boodschappen bij elkaar te hebben om nog iets van onze vrije dag te maken. “Gij moet precies nog gaan hooien?” zei mijn vrouw. “Ik stel voor dat we met dit warme weer dadelijk een fietstochtje maken en eventueel een pitstop houden voor een verfrissing”, antwoordde ik. Er werd toegestemd met mijn voorstel en de verfrissing op het Lommelse terras smaakte niet slecht. We zaten er perfect in de lommert.

Omdat ik met mijn gejaag vergeten was om de krant in de fietstas te steken, bladerde ik op mijn telefoon door het verzamelwerk met de betekenis en herkomst van spreekwoorden en gezegden. De auteur is F.A. Stoett en je kan het gratis van het internet plukken, mocht het je interesseren. De taal is soms gedateerd, maar dat stoort hoegenaamd niet. Als u me over dat onderwerp laat vertellen, zit ik op mijn stokpaardje. Een uitdrukking die trouwens vermeld staat in het boek.

Net toen ik wilde vertellen over de herkomst van dit gezegde, kwam er een koets, getrokken door twee paarden, voorbij het terras gereden. In de koets zat een bruidspaar met allebei een glaasje champagne in de hand. Ze zwaaiden dolgelukkig naar het terraspubliek. “Zeg Rudi, gaat gij het zeggen of moet ik het doen?” vroeg de patron die net aan onze tafel passeerde. Ik wist niet meteen wat hij bedoelde. “Kom op, wat ze altijd zeggen, die uitdrukking”, zei mijn vrouw. Ik moest het antwoord schuldig blijven. “Dat hij in zijn ongeluk gaat lopen”, zeiden ze allebei tegelijk. Daar viel ik toch een beetje door de mand. Niet dat ik op mijn paardje zat, want ik kon er mee lachen. En het beste paard struikelt wel eens.“Maar euh, waarom ken jij die uitdrukking zo goed?” knipoogde ik naar mijn vrouw. “Ik ben toch ook niet in mijn ongeluk gelopen. Mijn vrienden zeggen allemaal dat ik een geluksvogel ben.”

Mijn vrouw lachte en bestelde nog een verfrissing bij de patron, die subtiel en achter de rug van mijn vrouw over zijn mouw veegde. “Mouwveger”, zei mijn vrouw.


Immo

Auto's in de kijker

Jobs in de regio