COLUMN: Nonkel Harrie

Print
Lommel - Chel Driesen schrijft een column over het dagelijkse leven in Lommel.

Nee, dat ging ik zeker niet doen! Ik zou het nu eens niet over corona hebben in mijn columns. Ik ging, op mijn eigen bescheiden manier, een tegengewicht vormen tegen dat opgedrongen doemdenken. Want je gaat er onwillekeurig van overtuigd geraken: “Als ik het nog niet heb, dan krijg ik het wel.”

Je kunt immers geen radio of tv aanzetten of het gaat over dat vermaledijde virus. Je kunt geen mens tot op anderhalve meter benaderen zonder dat hij/zij erover begint. Als hij/zij al niet eerder op de vlucht slaat. In de zaterdagkrant ging het 18 (achttien!) bladzijden over niks anders. Als je niet geïnfecteerd wordt, krijg je wel een bijna even dodelijke indigestie van de berichtgeving. Ik toch.

Want je ontsnapt er niet aan. Toen ik gisteren op de Gestelsedijk iemand voorbij fietste, riep die me na: “Hei Chel! Nog geen cornona?” En thuis, op mijn computerscherm, vond ik een filmpje dat Tineke, een goede kennis uit Neerpelt, me doorstuurde. Ze had blijkbaar medelijden met me omdat ik me wel alleen zou voelen en me wellicht ging vervelen in deze tijd van afzondering. Met dat filmpje wou ze me leren hoe ik snel en efficiënt T-shirts, hoeslakens, hoodies en hele dekbedden kan opvouwen. Mijn kat, die nochtans wat van me gewend is, heeft de vertoning in opperste verbazing gadegeslagen. Bijna een hele dag heb ik eraan besteed. Tevergeefs. Een van de pogingen heb ik zelfs in hoge ademnood moeten afbreken binnen in mijn dekbedovertrek. Blij dat ik eruit geraakt ben. Toch bedankt, Tineke. Het is het gebaar dat telt.

Waarom ik er dan toch over bezig ben, over die ziekte? Toen ik vanmorgen wat oude foto’s aan het sorteren was, vond ik de trouwfoto van mijn ouders uit 1924. En ik herinnerde mij ineens hoe er vroeger thuis in de woonkamer een ingelijste foto hing van een knappe jonge kerel. Nonkel Harrie was dat. Mijn vader vertelde me dat die broer van hem op de dag na de wapenstilstand die een einde maakte aan de Eerste Wereldoorlog, op 12 november 1918 dus, overleden was aan de gevolgen van de Spaanse griep. Alsof de mensen toen door die vreselijke oorlog nog niet genoeg ellende gekend hadden, brak er in januari 1918 een pandemie uit die vooral jonge volwassenen trof en die veel meer slachtoffers maakte dan de oorlog zelf. Men schatte het aantal besmettingen op een half miljard. Dat was toen 20 procent van de hele wereldbevolking! Er waren 40 miljoen sterfgevallen. Behandeling bestond nauwelijks. Mijn oom is 21 geworden.

Sindsdien was mijn vader elk jaar weer doodsbenauwd dat hij de griep zou krijgen. Ik ben dat nu ook. Want geef toe: de toestand is ernstig.

Quid novi sub sole? (Wat voor nieuws is er onder de zon?)


Immo

Auto's in de kijker

Jobs in de regio