Aangeboden door Edialux

© Shutterstock.com

Zo herken je de plaaginsecten die je tuin ontsieren - en zo pak je die zelf aan!

Vreten kevers je moestuin kaal? Knagen ‘kleine zwarte puntjes’ groene planten tot gatenkaas? Er zijn heel wat plaaginsecten die je tuin kunnen bedreigen. Om ze aan te pakken, moet je ze eerst en vooral herkennen. Dit zijn de meest voorkomende boosdoeners en zo maak je er komaf mee.

Wie de tuin bedreigd ziet door plaaginsecten, kan daar vandaag zelf wat aan doen. Dat kan snel, makkelijk en, net zo belangrijk, op een milieuvriendelijke manier met de Nema T-Bags uit het ruime Ecologic-gamma van Edialux.

Sla met gaatjes? Check voor naaktslakken
Slakken en naaktslakken herken je zonder uitleg. Ze zijn gek op je moestuin en eigenlijk alle frisse groene blaadjes. Ze verorberen per dag de helft van hun lichaamsgewicht, leven negen tot twaalf maanden en leggen in die tijd tot driehonderd eitjes. Om ze aan te pakken, moet je de slakken zelfs besproeien.

Kale plekken in je gazon? Verdachte nummer 1: engerlingen
Engerlingen zijn de larven van kevers, waaronder de mei-, juni-, salland- en rozenkever. Je herkent ze aan hun geelwit gekromd lichaam, een zakvormig verdikt achterlijf en oranjebruine kop. Ze hebben het vooral gemunt op sappige plantenwortels en zijn vaak ook de plaag van menig gazon. Je pakt ze best tussen april en oktober aan bij bodemtemperaturen boven tien graden Celsius.

Jong gras wil niet groeien? Ooit van emelten gehoord?
Deze larven van langpootmuggen zitten in de winter diep onder de grond. Ze zijn slank, bruingrijs en hebben geen poten of kop. Wanneer de bodem opwarmt, komen ze naar boven en trekken het jonge gras naar beneden. Gevolg: kale plekken in je gazon. Je pakt ze best aan in september of oktober bij bodemtemperaturen boven tien graden Celsius.

Vijand van rozenstruiken en fruit: taxuskevers
De groenzwarte kever, die tot een centimeter groot kan worden, is enkel ‘s nachts actief. De larven zijn krom, crèmekleurig met een oranjebruine kop en pootloos. De kever heeft een voorkeur voor rozenstruiken, rododendrons, laurierkers, seringen, hortensia, druivelaars en andere fruitdragende gewassen. Ze knabbelen inkepingen aan de rand van bladeren en bloemen, maar het zijn vooral de larven die ondergronds de grootste schade aanrichten aan wortels en knollen. De larven ga je best te lijf tussen maart en oktober.

Zilverachtige schijn op plantenbladeren: tripsen
Tripsen zijn grijs, geelachtig tot donkerbruin en ongeveer een millimeter groot, met franjevleugels. De larven zijn geelachtig en wat doorschijnend. Ze hebben het op potplanten en bovengronds moestuinlekkers voorzien. Aangetaste planten herken je aan een zilverachtige schijn. Zwarte puntjes op bladeren zijn vaak de uitwerpselen van tripsen. Het is belangrijk de larven of insecten zelf te raken, dus besproei zeker ook de onderzijde van het blad.

Coloradokevers
Niet te verwarren met de eveneens rondvormige lieveheersbeestjes. De coloradokever heeft overlangse zwartbruine strepen in plaats van stippen. Zijn rode larven zijn zo mogelijk nog vraatzuchtiger. Ze hebben het vooral voorzien op aardappelen, maar durven zich ook aan andere knolgewassen tegoed doen. Omdat niet alle eitjes van deze kever in een keer uitkomen, is een nabehandeling na een tot twee weken aanbevolen.

Niet alle rupsen worden vlinders
Ook deze herken je makkelijk. Het gaat om de larven van vlinders en motten die zich in gewassen knagen en verrotting van groenten en fruit veroorzaken. Vooral rupsen van het klein koolwitje, de kooluil en de koolmot vormen vaak een plaag in de moestuin, omdat ze verzot zijn op kolen en andere groenten. Aanpak: de rups zelf dient besproeid te worden.

Trending: de buxusmot
De witte nachtvlinder, met bruine randen aan de vleugels, kan tot vier centimeter breed worden. De mot legt eitjes op de onderkant van buxusbladen. De rupsen die daar uitkomen, zijn felgroen met donkere lengtestrepen op de zijkant en overwinteren in een spinsel binnen de buxus. Controleer je buxus vanaf april regelmatig op dode blaadjes, kale takjes, bladskeletten en spinsel. Van zodra je larven of rupsen opmerkt, besproei je de buxus, ook de onderkant van de bladeren. Omdat niet alle eitjes in een keer uitkomen, is een nabehandeling, een tot twee weken later, aanbevolen.

Trieste planten? Dat zijn varenrouwmuggen
Kleine zwarte muggen die soms verward worden met fruitvliegjes, maar te herkennen zijn aan de lange antennes op de kop. De kleine, glazige larven met zwart kopje verkiezen vochtige zaai-, stek- of potgrond, waar ze gaatjes in wortels, stengels en bladeren maken. Daardoor kunnen planten minder water opnemen en verzwakken ze. De bestrijding richt je voornamelijk op de larven van deze kort levende muggen.

Mieren horen in de tuin, niet in je veranda
Meestal vormen mieren geen probleem in de tuin. Ze eten schadelijke insecten op en zijn de ideale opruimers van de natuur. Indien ze toch overlast veroorzaken kun je bijvoorbeeld aaltjes inzetten. Die zullen de mieren niet doden, maar mieren houden niet van aaltjes in hun buurt, dus zullen ze hun nest verplaatsen. Zolang de aaltjes voedsel in de bodem vinden en het niet te koud wordt, vormen ze een natuurlijke buffer tegen mieren in de tuin.

Voor elke plaag een aaltje
Deze opsomming van potentiële bedreigingen van je gazon, tuin en moestuin zal je misschien wat overrompelen, maar er is goed nieuws. Met de juiste aaltjes maak je er efficiënt en ecologisch verantwoord komaf mee. Zonder beroep te moeten doen op een dure professional of chemische pesticiden.  Zo vind je bijvoorbeeld onder de vier varianten van de Nema T-Bags van Edialux gegarandeerd een aaltje geschikt om jouw specifiek probleem uit je tuin te weren.
 

Je tuin beschermen tegen plaaginsecten?
Ontdek hier meer over de ecologische manier van de nieuwe Nema T-Bags »