Psychologe op euthanasieproces: ‘Ik geloof niet dat Tine autisme had’

Print
Psychologe op euthanasieproces: ‘Ik geloof niet dat Tine autisme had’

Foto: BELGA

Psychologe Ariane Bazan, opgeroepen door de advocaten van de familie, is formeel: er was bij Tine geen sprake van een ongeneeslijke ziekte. Bazan zegt dat er grote vraagtekens kunnen worden geplaatst bij de diagnose autisme. Zij kende Tine niet, maar las het hele dossier.

Bazan zei: ‘Ik lees inderdaad in het dossier dat Tine heel vastberaden was over haar euthanasiewens, maar ze geeft her en der ook signalen van twijfel. Ja, ze gaf haar spulletjes weg, maar ze hield tegelijk een bananendoos met spullen bij “als reserve” voor als de euthanasie niet zou doorgaan. Ze maakte zich ook boos toen een vriendin haar zei dat haar dochter dan kon gaan wonen in het appartement waar Tine onderdak had gevonden. Ze wilde niet dat er gespeculeerd werd over haar dood. Ik lees daar een zekere opstand in.’

De advocaten van de verdediging wierpen tegen dat alle hulpverleners van Tine op ernstig suïciderisico hebben gewezen. ‘In dat geval was een intensere therapie nodig’, zei Bazan. ‘Dan moet je je cliënt nauwer opvolgen. Ik doe dat ook. Dan zeg ik: kom morgen terug, en morgen weer. Natuurlijk is dat een heel zware therapie.’

Wat met de vraag dat Tine zelf niet meer behandeld wilde worden? ‘De euthanasiewet vermeldt twee dingen. Er is het ondraaglijk lijden, en dat is inderdaad subjectief. De patiënt beslist daarover. Maar bij euthanasie vanwege psychisch lijden dat niet direct terminaal is, moet er toch ook een ongeneeslijke ziekte aan ten grondslag liggen. Dat zie ik bij Tine niet.’

Autisme

Bazan betwist dat Tine autisme had. ‘Ik heb het verslag van het onderzoeksteam van het Instituut Guislain zin voor zin gelezen. Ze behaalt een zeer gemiddelde score. Met name op typisch autistische kenmerken, zoals inlevingsvermogen, valt ze buiten de diagnose. Dat is een beetje in tegenstrijd met de duidelijke conclusie van het team, dat ze wel autisme had. Ik geloof het niet. Voor mij was de borderline-diagnose correct. Die is vastgesteld in het UPC Kortenberg, waar ze op 19-jarige leeftijd een intense psychotherapeutische behandeling heeft gekregen. Borderline was in haar geval het gevolg van de hechtingsstoornis met haar moeder. Wat een kind dan doet, is de schuld op zich nemen, om het beeld van de “goede moeder” niet te moeten schenden. Zo kreeg ze een erg negatief zelfbeeld. Het verklaart ook waarom ze vaak in gewelddadige relaties terechtkwam.’

Bazan drukt erop dat borderline niet ongeneeslijk is: ‘Je kunt ervoor in therapie gaan en sommige mensen groeien er ook vanzelf uit.’

Die opmerking werd op de banken van de verdediging met ongeloof onthaald, ook bij de beklaagden. De voorzitter vroeg om geen reacties te laten zien.

Behandeling

Psychiater Eric Thys, die het dossier op een ander moment inkeek, en recent nog grondig herlas, gelooft dat Tine wel autisme had. Volgens hem had ze helemaal geen borderline. ‘Zelfs als daar twijfel over bestaat, moet bij een nieuwe diagnose toch de deur worden opengezet naar een behandeling of therapie.’

Beide experts uitten op die manier kritiek op de behandelaars van Tine, die ze ook expliciteerden. Bazan zei: ‘Men had het lijden van Tine kunnen herkaderen, en zo een dam oprichtten tegen de wreedheid die Tine tegen zichzelf richtte, zodat ze een ander zelfbeeld kon krijgen.’ Ze zei ook: ‘De psychiater had een systeemtherapeutische behandeling kunnen opstarten met de hele familie, met of zonder Tine erbij. Men had ook de specifieke problemen van het rampjaar 2009 kunnen aanpakken: haar drugsgebruik, haar grote liefdesverdriet en dus depressie, haar seksuele trauma.’

De psychiater die hier in de beklaagdenbank zit, voerde eerder al aan dat zij niet de behandelende arts van Tine was.

Band met psychiater

Bazan las een tekstje van Tine voor, een mail of briefje die ze naar de psychiater stuurde, en waarin ze haar grote bewondering voor de vrouw uitte. ‘Er was duidelijk sprake van een enorme overdracht tussen cliënt en arts, het was zoals een verliefdheid. Tine zei dat ze de eerste was die haar volkomen begreep en stelde een groot vertrouwen in haar. Dat is logisch gezien Tines achtergrond, maar delicaat voor de arts. Ze werkt de facto op de essentie van de pijn van Tine en voor mij behandelde zij dus Tine.’

Psychiater Erik Thys beaamde dit: ‘Er was een overdracht. Dat houdt kansen in voor de behandelaar, maar ook risico’s. Je hebt een enorme invloed op je cliënt. Het kleinste wat je zegt kan de cliënt interpreteren als iets wat hij moet doen.’ Hij merkte ook op dat er over autisme veel verschillende meningen bestaan: ‘Kun je dat echt ongeneeslijk noemen? En zelfs dan, is nog de vraag of het onleefbaar is? Ik kant me sterk tussen de verbinding van ongeneeslijkheid met ondraaglijk lijden.’

Na de middag kunnen de advocaten van de verdediging hier nog op reageren. Het spreekt voor zich dat de vragen erg kritisch zullen zijn.