Wereldkampioen Mathieu van der Poel wellicht pas vanaf 22 oktober in het veld

Print
Wereldkampioen Mathieu van der Poel wellicht pas vanaf 22 oktober in het veld

Foto: Photo News

Mathieu van der Poel zal zijn veldritseizoen wellicht pas vanaf 22 oktober aanvatten. “Eerst ga ik naar het WK, daarna doe ik mee aan het olympisch testevent mountainbike in Tokio, en dan neem ik een beetje rust.” Dat vertelde de veldrijder woensdagmiddag op een persmoment in de aanloop naar het WK wielrennen. “Ik zal op het WK uiteraard bij topfavorieten horen. Daar kan ik me wel in vinden”, vertelde de Nederlander van Corendon-Circus.

De 24-jarige Van der Poel kroonde zich het voorbije cross-seizoen tot wereldkampioen in Denemarken, bracht het eindklassement van de DVV Trofee en de Superprestige op zijn naam en werd ook nog eens Europees en Nederlands kampioen in het veld. Hij ging van start in 34 crossen en won er daarvan 32. In Lokeren viel hij uit met een enkelblessure, op de Koppenberg kwam hij er niet aan te pas en finishte hij als 21e. Ongelofelijke resultaten, hij evenaarde met 32 zeges zijn record van het seizoen 2017-2018.

Daarna ging het hem ook op de weg voor de wind met zeges in onder meer Dwars door Vlaanderen, de Brabantse Pijl en de Amstel Gold Race. Ook in het mountainbiken wist hij te scoren met onder meer de titel van Europees kampioen en winst in de Werelbekers van Nove Mesto, Val di Sole en Lenzerheide.

Vorige week nam Van der Poel niet deel aan het WK mountainbike omdat hij in volle voorbereiding is voor het WK op de weg in Yorskhire eind deze maand. “Dat was zeker geen gemakkelijke keuze”, aldus Van der Poel. “Ik heb het WK gevolgd, maar je moet nu eenmaal keuzes maken. Het WK in Yorkshire is op mijn maat en dat gebeurt ook niet elk jaar. Het WK mountainbike was in St. Anne en daar heb ik nog nooit gereden. Dat speelde ook een rol, dat van volgend jaar is in Albstadt, een parcours dat ik wel ken. Tuurlijk deed dat even pijn, maar Yorkshire is nu het doel. Soms is een WK op de weg helemaal plat of zoals volgend jaar echt voor de klimmers. Ik moet nu gewoon mijn kans gaan.”

“Ik heb nooit stress voor een wedstrijd op de weg”

Maar kent hij dat WK-parcours eigenlijk wel? “Nog niet echt, buiten die brug die kapot is en die in de media kwam, ken ik er nog niet veel van, maar naar ik hoor is het voor mij, iets voor een Amstel Gold Race type. Dus ik begrijp dat ze me tussen de favorieten zetten. Maar er zijn er nog veel: Alaphilippe, Lutsenko, start die? Ja zeker, en dan nog wat mannen.”

“Ja, ik heb wel wekelijks contact met de bondscoach over de Nederlandse selectie”, gaf hij nog toe. “Ik denk dat we op dezelfde lijn zitten. De selectie? Dat is aan hem, ik zal kopman zijn, maar daarom moet niet iedereen klakkeloos in mijn dienst rijden. Dat zien we wel op de dag zelf. Ik werk er nu naar toe en ik heb er geen stress voor. Stress heb ik voor een WK-cross, maar voor een wedstrijd op de weg heb ik dat nooit. In de cross heb je nooit veel tijd, moet het meteen, in een wegwedstrijd kan je bij wijze van spreken na 180 km nog één en ander recht zetten. Een koers op de weg breekt vaak heel laat open, dus dat WK, we zien het wel.”

“Niet onlogisch dat ik bij de topfavorieten word gezet”

“Ik kan me er in vinden dat ik bij de topfavorieten word gezet”, vertelde Van der Poel over dat WK. “Dat is niet onlogisch na mijn voorjaar op de weg.” Van der Poel paste voor een hoogtestage op de Sierra Nevada om zich voor te bereiden omdat hij liever wat meer thuis was na de vele verplaatsingen naar het buitenland en sliep de voorbije weken heel wat nachten in een hoogtetent. “Dat is niet erg, ik denk dat ik even intensief en veel heb kunnen trainen als in de Sierra Nevada. Al heb je natuurlijk hier die hoogte niet en kan je ook die hoogtemeters niet trainen. Maar in duur en intensiteit heb ik de voorbije weken hier heel hard getraind. Voor het WK is dat ook niet zo erg, het is niet dat we daar veel van die lange beklimmingen zullen hebben.”

Van der Poel beleefde een wonderseizoen. “De Amstel Gold Race stak er bovenuit, omdat het mijn eerste klassieker was en die koers toch veel internationale uitstraling heeft. Zelf plaats ik ook mijn eerste zege in de Wereldbeker (hij behaalde er uiteindelijk drie) heel hoog omdat het iets is waar ik drie jaar op heb moeten wachten en naar heb toegewerkt. Ik zeg niet dat het gemakkelijker is om een klassieker op de weg te winnen, maar ik heb er wel langer over gedaan om in een Wereldbeker in de mountainbike te zegevieren. Ik heb daar voor moeten knokken. Ik deed altijd iets fout in het verleden, maar dankzij onze performance manager Kristof De Kegel heb ik de voorbereiding anders aangepakt en dat heeft ook geloond. Eindelijk heb ik Schürter kunnen kloppen. Dat betekende heel veel voor mij.”

“Ik zal geen 30 crossen rijden”

Van der Poel combineert de cross met het mountainbiken en de weg. “En ik zie het me niet anders doen in de zomer. Voor sommigen is dat misschien een nadeel, maar ik kan me niet voorstellen dat ik een ganse zomer alleen op die wegfiets moet trainen. Ik houd van die afwisseling. Voor mij is dat een voordeel, ik houd er gewoon van om die beide fietsen te combineren.”

Na dat WK trekt de Nederlander nog naar het olympisch test-event in Tokio op 6 oktober. Hij duikt in het veld op 22 oktober, de Nacht van Woerden. Daarna volgt de Koppenbergcross en het EK op het veld. “De rest weet ik eigenlijk nog niet zo goed. Ik ben daar nog niet zo hard mee bezig, nu telt vooral die voorbereiding op dat WK op de weg in Yorkshire. Neen, ik zal zeker geen 30 crossen rijden zoals de voorbije jaren, zeker niet. Het enige klassement waar ik op mik is dat van de DVV Trofee. Daarnaast rijd ik ook wel enkele Wereldbekers en crossen van de Superprestige, en wel wat losse crossen, maar er ligt nog niet veel vast. Mijn grote doel in het veld komend seizoen is het DVV klassement en het WK.”