Setter Lienert Cosemans (Waremme) trekt naar Haasrode Leuven: “Zo ver mogelijk geraken in de Europese Challenge Cup”

Print
Setter Lienert Cosemans (Waremme) trekt naar Haasrode Leuven: “Zo ver mogelijk geraken in de Europese Challenge Cup”

Foto: Sven Dillen

Volleybalclub BDO Haasrode Leuven heeft zich versterkt met de 25-jarige Limburgse Lienert Cosemans, de spelverdeler van Borgworm Waremme. De 2m03 grote Cosemans ondertekende een contract voor een seizoen, met optie op een tweede en kijkt uit naar het nieuwe avontuur.

Cosemans was einde contract bij Waremme, waardoor hij besloot de overstap naar Leuven te maken: “Ik heb me de voorbije twee jaar erg geamuseerd in Waremme, maar het is tijd voor iets nieuws. Toen Leuven het eerste contact legde, heb ik wel niet meteen toegehapt. Ik wilde eerst horen hoe het bij Waremme zat, maar daar was er nog wat onduidelijkheid over de spelerskern en over de coach voor volgend seizoen. Bij Leuven stond alles al meer op punt. Daarbij komt dat ik veel spelers uit de ploeg ken en dat er altijd een goeie ambiance is. Dat geeft een goed gevoel.

De oud-speler van Menen, Aalst en Gent is de vierde aanwinst voor Leuven na middenman Daan De Saedeleer (Topsportschool Vilvoorde) en libero’s Kevin Bossée (Gent) en Quentin Albert (Spa). Van de huidige kern blijven Berre Peters, Thomas Pardon en Gert van Walle al zeker. “In Menen en Aalst was ik tweede passeur waardoor ik niet veel mocht spelen, daar wilde ik verandering in brengen. Als je elke dag traint, is het jammer dat je in het weekend niet mag spelen. Bij Gent en Waremme en nu bij Leuven kan dat wel waardoor ik ook veel bijleer. Het is immers nog altijd tijdens de wedstrijd dat het moet gebeuren.”

Europees avontuur

Haasrode Leuven verzekerde zich vorig weekend van een Europees ticket door Waremme te verslaan en zo de Challenge Group te winnen. Dat was voor Cosemans een van de redenen om naar Leuven te trekken: “Het sportieve project spreekt me erg aan en ik denk dat ik er wel veel progressie kan maken. Leuven heeft de laatste jaren getoond dat ze wel kunnen aansluiten bij de subtop en het Menen, Aalst, Roeselare en Maaseik wel moeilijk kunnen maken. In de toekomst willen ze daarin stabiel zijn, want dit seizoen ging het in de reguliere competitie iets minder. Maar aan het eind slaagden ze er dan toch in om dat Europese ticket voor de Challenge Cup te bemachtigen. Die Challenge Cup is ook een echte ervaring, dus daar willen we zo ver mogelijk in geraken.”