Jef Vermassen vraagt neurochirurge onschuldig te verklaren: “Geef haar niet de stempel van moordenares”

Print
Jef Vermassen vraagt neurochirurge onschuldig te verklaren: “Geef haar niet de stempel van moordenares”

Foto: BELGA

Leuven -

Jef Vermassen heeft de jury woensdag gevraagd om neurochirurge Mehrnaz Didgar onschuldig te verklaren aan de dood van haar dochter Eline Pans. Voor het hof van assisen van Vlaams-Brabant in Leuven riep de raadsman artikel 71 over de onweerstaanbare drang in.

Lees ook. Vader van vermoorde Eline (14) krijgt de assisenzaal muisstil: “Ze wou helemaal niet dood”

Vermassen en zijn collega Stephen Schellinck hielden namens de verdediging van Didgar een onafgebroken pleidooi van drie uur. In een lange aanloop somde Vermassen feiten en argumenten op die de laatste twijfels over de depressie van zowel het slachtoffer als de dader moesten bannen.

“Eline heeft haar moeder nooit gevraagd om haar te doden. Maar het was wel haar wens om te gaan slapen en niet meer wakker te worden”, zei Vermassen. “Boven het bureau op haar slaapkamer hing een tekening die ze zelf gemaakt had. De prent toont een meisje in tranen met een afscheidsbrief in haar hand.” Vermassen toonde de tekening aan de juryleden. “Eline werd gefolterd door het noodlot.”

“Eline en Mehrnaz waren allebei depressief en beïnvloedden elkaar negatief, elk vanuit een neerwaartse spiraal. Ze isoleerden zich, spraken met niemand en hielden een masker voor. De avond voor de feiten stuurde Didgar een sms naar Steven Pans, haar ex en de vader van Eline. Ze vroeg hem om hen daags nadien te komen zoeken. Natuurlijk begreep Steve de boodschap niet. Een depressief iemand stuurt zwakke signalen uit en daardoor hebben we het niet door. Didgar zat op haar werk tussen allemaal specialisten, maar niemand zag het.”

Jef Vermassen vraagt neurochirurge onschuldig te verklaren: “Geef haar niet de stempel van moordenares”
Foto: BELGA

Volgens Vermassen was de depressie van zijn cliënte een gevolg van onverwerkte trauma’s, die teruggaan tot een moeilijke jeugd in Iran en de lange jaren van eenzaamheid in het eerste decennium van haar verblijf in België. “Psychiater Inge Jeandarme, Koen De Kerpel (de peter van Eline) en zelfs Steven Pans stelden uitdrukkelijk dat ze Didgar in de laatste maanden voor de feiten zagen wegglijden. De nieuwe opname van Eline in de kinderpsychiatrie en haar nieuwe relatie die niet liep: ze ging snel achteruit. Een man mag klagen, een vrouw niet. Ze zocht wel degelijk hulp, via mindfulness en bij een relatietherapeut en De Kerpel. Kwam daarbij dat Steven Pans in het najaar van 2016 voor de tweede keer getroffen was door een burn-out. Hij moest zich herpakken maar had daardoor minder tijd voor Eline. Alles kwam op de schouders van Didgar terecht.”

Mehrnaz Didgar hoopte op een mirakel. “Voor haar was het waar dat Eline hervallen was. Zij was een toverdokter in haar vak maar niet voor haar dochter. Een dubbele trigger zette haar aan tot de noodlottige daad. Eline kwam het weekend voor de feiten vervroegd terug van een uitstap met de familie Pans in de Westhoek. Ze had een schrik opgedaan in de donkere gangen die aan de Eerste Wereldoorlog moeten herinneren. Twee dagen voor de doding belandde een klasgenoot en vriendje van Eline op haar operatietafel in het UZ Leuven na een poging tot zelfdoding.”

De perfectionistische Didgar was volgens Vermassen plots niet meer zo perfect. “In het ziekenhuis vergat ze het infuus, waarmee ze niet alleen zichzelf maar ook Eline wilde doden. Steken laten vallen als het om uw eigen dood en die van uw dochter gaat: het is de ultieme uiting van depressie.” Volgens haar ex-vriend zei Didgar dat Eline “niet doen mama” had geroepen. “Dat klopt niet”, zei Vermassen. “Ze zou dan nooit verder gedaan hebben.”

Didgar werd volgens Vermassen gedwongen door een macht waaraan ze niet kon weerstaan. “Ik vraag de jury om artikel 71 uit het strafwetboek toe te passen. Ook als u twijfelt”, zei de advocaat tegen de twaalf gezworenen. “Deze vrouw verdient een tweede kans. Geef haar niet de stempel van moordenares.”