Aanslag Joods Museum: opnieuw jurylid afwezig bij start van zitting, probleem met reservejuryleden

Print
Aanslag Joods Museum: opnieuw jurylid afwezig bij start van zitting, probleem met reservejuryleden

Foto: PALIX

Het assisenproces over de aanslag van het Joods Museum heeft woensdag op de vierde zittingsdag opnieuw een valse start genomen. Een effectief jurylid moest vervangen worden omdat hij afwezig was, waarna door de verdediging de wraking gevraagd werd voor twee reservejuryleden. Een van hen is de nicht van een speurder in het onderzoek, een ander zat op school met een burgerlijke partij.

Bij de start van de vierde zittingsdag bleek dat het zevende jurylid niet was opgedaagd. Zijn echtgenote heeft een ongeval gehad en moet geopereerd worden. De man wordt vervangen door het derde reservejurylid.

Het is al de derde keer sinds de start van het proces dat een jurylid vervangen moet worden. Tweemaal was dat het geval door afwezigheid, eenmaal werd een jurylid gewraakt dat nog als griffier gewerkt heeft voor een onderzoeksrechter die bij het onderzoek betrokken is. De drie werden telkens vervangen door een reservejurylid, waardoor er nu nog negen van de twaalf over zijn.

Problemen met reservejuryleden

Nog meer heisa kwam er toen bleek dat een van de reservejuryleden de nicht is van een van de politiespeurders die het onderzoek hebben gevoerd. Het federaal parket heeft gevraagd om haar te wraken. Ook de advocaten van tweede beschuldigde Nacer Bendrer dringen aan op een wraking. Zij willen ook dat een ander reservejurylid gewraakt wordt, omdat die op school heeft gezeten met een van de advocaten van de burgerlijke partijen. De burgerlijke partijen zien dan weer geen reden om één van beiden te wraken.

“We stellen de objectiviteit of eerlijkheid van niemand in vraag, maar de schijn van onpartijdigheid is wel belangrijk”, zei federaal procureur Bernard Michel. “We vragen daarom de wraking van het tweede reservejurylid. Dat het vijfde reservejurylid op school heeft gezeten met een advocaat, vormt voor ons geen probleem.”

De advocaten van Nacer Bendrer voerden aan dat zij niet geloofden in complottheorieën. “Maar deze situatie is gelijkaardig aan die van gisteren”, zei meester Julien Blot. “Toen ging het om een hiërarchische band, weliswaar in het verleden, nu gaat het om een familieband. We stellen de kwaliteiten van de juryleden niet in vraag maar er kan een loyaliteitsconflict ontstaan. Dat probleem stelt zich ook met het vijfde reservejurylid. Beiden moeten dus gewraakt worden.”

“Wij hebben alle vertrouwen in iedereen, maar we gaan die speurder wel stevig op de rooster leggen”, pleitte meester Sébastien Courtoy, advocaat van Mehdi Nemmouche. “De vraag is of het jurylid daarmee kan leven.”

Meester Michèle Hirsch, advocate van het CCOJB, zag geen reden tot wraking: “We moeten vertrouwen hebben in de eerlijkheid en objectiviteit van de jury, die toch een eed heeft afgelegd. We kunnen deze problematiek anders tot in het oneindige doorgetrokken worden. Misschien herkennen juryleden wel getuigen of politiemensen als personen met wie ze ooit in een andere situatie in contact zijn geweest.”

Het hof heeft zich teruggetrokken om over de wraking te oordelen. De advocate van de ouders van Alexandre Strens, een van de dodelijke slachtoffers van de aanslag, stelde voor om aan alle juryleden te vragen of ze iemand in het onderzoek kennen, van ver of dichtbij.

“Nooit gesproken over Joods complot”

Bij aankomst in het Brusselse assisenhof heeft Henri Laquay, een van de advocaten van hoofdverdachte Mehdi Nemmouche de pers toegesproken. “Wij hebben nooit gezegd dat er een Joods complot is tegen Mehdi Nemmouche, enkel dat twee slachtoffers een link hadden met de Israëlische geheime diensten”, zei hij. “We hebben het woord complot nooit gebruikt, enkel gezegd dat ze (Emanuel en Miriam Riva,red.) werkten voor de Mossad.” Laquay heeft het over “desinformatie die verspreid wordt”. “Sommige mensen hebben theorieën uitgevonden en een zekere pers heeft dat overgenomen.”

De verdediging van Nemmouche verklaarde dinsdag bij het voorlezen van de akte van verdediging dat er aanwijzingen zijn dat de aanslag niet werd uitgevoerd door Islamitische Staat, maar door de Israëlische geheime dienst Mossad. De burgerlijke partijen hebben aangeklaagd dat de verdediging een complottheorie verdedigt.

Gilles Vanderbeck, de advocaat van medebeschuldigde Nacer Bendrer, toonde zich bij zijn aankomst in het justitiepaleis tevreden dat zijn cliënt zich dinsdag heeft kunnen uitdrukken tijdens het verhoor door voorzitter Laurence Massart. “De jury heeft kunnen kennismaken met mijn cliënt. Hij heeft zich sereen gedragen. Ik besef dat een mens beoordeeld wordt op de manier waarop hij zich uitdrukt.”