Medische doorbraak: wetenschappers leggen voor het eerst vast hoe hiv-virus zich verspreidt

Print

Medische doorbraak: wetenschappers leggen voor het eerst vast hoe hiv-virus zich verspreidt Video: Cell Reports

Voor de eerste keer zijn wetenschappers erin geslaagd om het hiv-virus vast te leggen op camera. Verscheidene filmpjes laten zien hoe het virus andere bloedcellen kan infecteren na geslachtsgemeenschap. Een doorbraak in de strijd tegen aids, waarbij de kans op een vaccin tegen het virus opnieuw een stukje groter wordt.

De beelden werden gemaakt door een team wetenschappers van de Universiteit Paris Descartes. “We hadden al een globaal beeld van hoe het hiv-virus dit weefsel infecteert, maar zoiets live kunnen zien is nog iets totaal anders”, klinkt het bij onderzoeker Morgane Bomsel in een statement. “We kunnen de precieze volgorde van de gebeurtenissen definiëren, en we zijn er erg door verrast.”

Reservoir

Het team maakte gebruik van genitaal slijmvlies dat opgeslagen werd in het labo om de infectie na te bootsen. Vervolgens filmden ze een T-cel, een soort witte bloedcel, dat geïnfecteerd was met het hiv-virus op het moment dat het contact maakte met de buitenste cellen van het membraan, ook wel bekend als de epitheelcellen. Op dat moment kunnen virale deeltjes zich gaan verplaatsen, al kunnen ze de epitheelcellen niet infecteren. In tegenstelling daarvan verplaatsen ze zich langs de cellen richting de macrofagen, die vervolgens als een soort reservoir dienen voor het virus.

Het volledige proces duurt ongeveer twee uur. Zodra dat volledig is afgerond, verplaatst de geïnfecteerd T-cel zich om andere bloedcellen te besmetten.

Twintig dagen

De wetenschappers waren vooral verrast dat de geïnfecteerde bloedcellen zich vooral lijken te richten op de epitheelcellen in plaats van de macrofagen. “Deze dynamische observatie deed ons realiseren dat de synapsen (verbindingen) altijd gevormd worden op epitheelcellen die zich net boven de macrofagen bevinden”, vervolgde Bomsel. “We vermoeden dus dat er een interactie bestaat tussen de macrofagen en het epitheel. Dat hadden we ons voordien nooit kunnen voorstellen.”

De macrofagen blijven het virus ongeveer twintig dagen produceren en verspreiden, waarna er een nieuwe fase van start gaat. Het virus wordt vanaf dan niet langer geproduceerd, maar blijft zich wel in de macrofagen bevinden. Volgens de onderzoekers is dat net de reden waarom het virus zo moeilijk te behandelen valt met medicatie. “Het is dus zaak om zo snel mogelijk na de infectie te kunnen handelen”, aldus Bomsel. “We zijn momenteel op zoek naar manieren waarop we het reservoir kunnen zuiveren. We denken immers te weten hoe we het virus nadien kunnen doden.”