© fvv

Vondst van 300.000 euro van 7 jaar geleden wordt nu eerlijk verdeeld

De 300.000 euro die zeven jaar geleden in de kerstperiode gevonden werd in een nachtkluis van een voormalig Dexia-kantoor in Gent, is “rechtmatig” verdeeld onder vier partijen die aanspraak maakten op het geld.

Het verhaal van de vondst in een achtergelaten nachtkluis van een voormalig bankkantoor in Gent haalde eind december 2010 de internationale media. Het vroegere kantoor van Dexia aan de Francisco Ferrerlaan was verkocht en de nieuwe eigenaar, een boekhouder, was het gebouw aan het renoveren. Een achtergelaten kluis stond in de weg en daarom werd beslist ze uit de muur te slijpen. De twee broers die de boekhouder daarvoor inschakelde, vonden tot hun verbazing in totaal 300.000 euro cash geld.

© fvv

De vinders verwittigden daarna zelf de media en de politie om niet beticht te worden van diefstal. Het geld werd in beslag genomen in afwachting van een onderzoek naar de herkomst. Het Gentse parket vond later dat er geen aanwijzingen waren dat het geld van criminele oorsprong was, maar niemand kon een eigendomsbewijs voorleggen. Dexia zei dat het geld van Brink’s was, maar de waardetransporteur kon dat niet aantonen. De bank stelde eerst voor de vinders te belonen met 10.000 euro, maar uiteindelijk deed de bank toch afstand van het geld.

Ook makelaar wil deel van de koek

De zaak werd nog ingewikkelder toen bleek dat ook een immobiliënmakelaar aanspraak maakte op het geld. De officiële verkoopakte was op het moment van de vondst nog niet verleden, waardoor de boekhouder nog niet de eigenaar van het pand was.

Er was ook een discussie of de boekhouder of de broers konden beschouwd worden als “de vinder”. Artikel 716 van het burgerlijk wetboek stelt namelijk. “De eigendom van een schat behoort aan wie hem in zijn eigen erf vindt; wordt de schat in een anders erf gevonden, dan behoort hij voor de ene helft toe aan de vinder en voor de andere helft aan de eigenaar van het erf. Een schat is iedere verborgen of bedolven zaak waarop niemand zijn recht van eigendom kan bewijzen en die door louter toeval ontdekt wordt.”

Rechtvaardig verdeeld

De drie partijen - de boekhouder, de broers en de immomakelaar - namen elk een advocaat onder de arm. Het geld stond een tijd op een geblokkeerde rekening, en er werd gevreesd dat een burgerlijke procedure de eigenaar zou moeten bepalen. Daarna bleef het stil over de zaak, maar uiteindelijk zijn de partijen jaren geleden al tot een overeenkomst gekomen over een verdeling. “Het was een rechtvaardige verdeling waarin alle partijen zich konden vinden”, zegt advocaat Abderrahim Lahlali, die optrad voor de broers. Hoeveel iedereen kreeg, blijft een kerstgeheim.