In het spoor van ‘Nonkel Pater’ en de heilige Amandina

Print

Schakkebroek

Herk-de-Stad - Toen de mama van Paul en Luc Vos een paar maanden geleden een artikel uit het Parochieblad over een reis naar de plaats waar de Heilige Maria Amandina van Schakkebroek in 1900 vermoord werd onder de neus van Luc duwde, begon het onmiddellijk te kriebelen om in het vliegtuig te springen. China stond al heel lang op het verlanglijstje, een vijftal jaar Chinees studeren dienden als voorbereiding, en na even rondvragen was broer Paul bereid om mee op dit avontuur te gaan.

De reis was ingericht door de Verbiest Stichting uit Leuven – de specialisten op het gebied van China en haar missionarissen – en was opgezet in het kader van de herdenking van de 80-jarige sterfdatum van Mgr Schraven uit Nederland.
Tot voor deze reis was Mgr Schraven een nobele onbekende voor de broers Vos, maar tijdens de reis kwamen ze steeds meer te weten over waarom deze man door de Japanners vermoord werd. Hij weigerde vrouwen en kinderen over te leveren aan de Japanse bezetters en heeft die nobele daad met zijn leven moeten bekopen. Het zaligverklaringsproces is ingezet en hopelijk komt er snel een positief antwoord uit Rome.
Het verhaal van Mgr Schraven en dat van zuster Maria Amandina en haar lotgenote zuster Maria Adolphine (uit Ossendrecht in Nederland) – waar heel specifiek een stopplaats in de reis voor ingericht was – vertoont veel parallellen. Ook deze zusters weigerden hun beschermelingen (wezen en alleenstaande vrouwen) over te leveren aan de boxers die rond 1900 de macht wilden grijpen in China. Ook zij hebben deze daad met hun leven moeten bekopen, een gebaar dat hun, samen met de andere martelaren uit Tai Yuan Fu, de Heiligenstatus opleverde.
‘In Tai Yuan Fu hebben we een ontmoeting gehad met de bisschop en een nieuwe congregatie van zusters, die niets met de orde van Maria Amandina te maken heeft,’ vertelt Paul, ‘maar die wel de herinnering aan deze martelaren in leven houdt. We hadden niet echt verwacht veel te vinden, maar we hebben het huis kunnen bezoeken waar deze zusters gewoond hebben, en hebben de kapel bezocht die speciaal als herinnering ingericht werd. Ook in het altaar in de kerk zijn de beeltenissen van alle martelaren mooi voorgesteld. Een indrukwekkend en pakkend moment.
De mensen van Tai Yuan Fu waren zeer blij met onze komst en wilden zoveel mogelijk leren over de achtergrond van hun martelaren, want het was zeer opvallend dat ze er eigenlijk bijzonder weinig van wisten. De nodige afspraken zijn dan ook gemaakt om alles wat wij hebben over onze heiligen naar China door te sturen, zodat zij dit mee in de gedenkkapel kunnen opnemen. Het vertalen naar het Chinees van een boek, geschreven door onze nonkel pater over de heilige Amandina, zal nog wel wat tijd in beslag nemen, maar we proberen alles te bezorgen.’
Het reisprogramma was een mix van toerisme en zoeken naar de sporen van de martelaren van China, vooral uit Nederland, maar dus ook naar Maria Amandina. Nadat de beslissing genomen was om mee te gaan, groeide echter ook al snel het idee om meer te doen met deze reis en ook op zoek te gaan naar de begraafplaats van ‘Nonkel Pater’, Pater Jozef Vos, missionaris van Scheut, die in 1947 naar China vertrokken is en daar, in Shanghai, op 15 oktober 1951 gestorven is terwijl hij huisarrest had op bevel van de communisten. Hij is, in tegenstelling tot een heel aantal van zijn medeconfraters, niet vermoord, maar gestorven van angst voor wat er met zou gebeuren mocht hij de gevangenis in moeten gaan.
‘We waren op voorhand verwittigd dat de kans bijzonder klein zou zijn dat we iets zouden vinden,’ zegt Luc, ‘maar we wilden toch proberen om iets te vinden, eender wat. Dus hebben we aan het einde van de reis, nadat we afscheid genomen hadden van de superfijne Nederlandse groep, en na een korte tussenstop in de ‘Avatar-mountains’ van Zhangjiajie, het vliegtuig naar Shanghai genomen en zijn we daar op zoek gegaan naar iets van sporen van onze nonkel. Dankzij onze connecties in China en bij Scheut, in persoon van Jeroom Heyndrickx, hebben we in Shanghai kunnen spreken met de Father die verantwoordelijk is voor alle kerkelijke informatie, en hij bevestigde spijtig genoeg dat er niets meer te vinden was. Hij riep er een oude, maar nog bijzonder vinnige pater van 91 bij, die onze nonkel mogelijk nog gekend had. Heel even voelden we hoop oplaaien, maar hij had hem nooit gezien. Hij was een Jezuit en de samenwerking met de Scheutisten was niet zo nauw. Hij wist echter wel waar het huis gestaan moest hebben waar onze nonkel gewoond en gewerkt had en gestorven moest zijn. Op die plek, gelegen tegenover het nieuwe Hilton hotel, waren nu nieuwe huizen gebouwd, waar we uiteraard naar toe gegaan zijn en rondgelopen hebben om de sfeer op te snuiven en ons voor te stellen hoe het toen geweest moest zijn, maar van onze nonkel pater of van andere Scheutisten was er geen spoor meer te bekennen. Het kerkhof waar hij wellicht begraven was, bestond ook niet meer, maar is nu een dierentuin.’
‘Wat er mogelijk wel nog is, en daar ging deze Father ons bij helpen, zijn copies van de boeken die onze Nonkel in die jaren in China geschreven heeft. Boeken over de raakvlakken en conflicten tussen wetenschap en religie, twee boeken die in het Chinees en het Engels geschreven zijn, maar die we niet in ons bezit hebben. De bibliotheek waar deze boeken mogelijk wel te vinden zijn, is echter niet vrij toegankelijk, en aangezien wij slechts twee dagen in Shanghai waren, is het niet gelukt om toelating te krijgen. Maar hij ging verder zoeken, hopelijk komt er nog iets van,’ vertelt Paul met een toon van hoop in zijn stem.
‘Het was een bijzonder interessante reis, met een perfecte mix van cultuur en inspiratie, beelden van de toekomst en herinneringen aan een sterk, groots en soms pijnlijk verleden,’ besluit Luc. ‘We hebben dan niet gevonden wat we gehoopt hadden te vinden, maar we hebben wel kennis gemaakt met een bijzonder land, rijk aan geschiedenis en vol van contrasten.’

Immo

Auto's in de kijker

Jobs in de regio