DE KERN

België en Vlaanderen lijken niet wakker te liggen van het klimaat

Slecht nieuws van het klimaatfront. In de Limburgse gemeenten is de uitstoot van CO2, de grote boosdoener in de opwarming van de aarde, met amper 1,05 procent gedaald. Een daling jawel, maar lang niet voldoende om tegen 2020 te komen tot een vermindering van twintig procent. Vlaanderen in zijn geheel doet het nog iets slechter.

Roger Huisman

Opmerkelijk is wel dat de Limburgse gezinnen er de voorbije vijf jaar in geslaagd zijn hun CO2-uitstoot met 10 procent naar beneden te halen.

De grote slokop in de broeikasgassen is en blijft het verkeer. Let wel: in deze gemeentelijke berekeningen zijn de grote CO2-producenten in de zware industrie niet inbegrepen.

De 44 gemeenten die in september deelnemen aan de Limburgse klimaattop, hebben dus stof genoeg voor discussie, al is hun bevoegdheid inzake klimaatbeleid helaas beperkt.

Gedeputeerde van Milieu Ludwig Vandenhove geeft in deze krant al een eerste voorzet. Vandenhove, die de ernst van de strijd tegen de opwarming van de aarde inziet, vreest dat de beperking van de opwarming tot twee graden niet meer haalbaar is en dat we ons schrap moeten zetten om ons aan te passen aan dat nieuwe klimaat. Hij pleit ook voor dwingende maatregelen op federaal niveau, zoals het terugdringen van het verkeer. Helaas rijden we steeds meer kilometers met steeds meer, weliswaar zuinigere, auto’s. Oproepen om die auto iets vaker te laten staan en in te ruilen voor de fiets of openbaar vervoer, volstaan in die context niet meer.

Nog even voor wie niet mee is: als we de stijging van de gemiddelde temperatuur niet tot twee graden beperken, dan gaan we in de niet zo verre toekomst ten onder aan milieurampen. Hittegolven, zoals deze zomer de gesel van Lucifer in Zuid-Europa. Een dramatische stijging van de zeespiegel, en overstromingen. En gigantische migratiegolven van klimaatvluchtelingen uit de meest getroffen landen.

België en Vlaanderen lijken niet wakker te liggen van het klimaat, want de ‘sense of urgency’ ontbreekt. Tegen 2030 moet de uitstoot van broeikasgassen in dit land met 35 procent dalen. Voor de hele Europese Unie gaat het om min 40 procent. Bij ongewijzigd beleid zullen we aan een daling van amper 13 procent komen. Politici, die een horizon van vier jaar tot de volgende verkiezing hebben, kunnen moeilijk scoren met de strijd tegen de klimaatverandering. Of zoals Bruno Tobback, tien jaar geleden federaal Milieuminister, het al zei: “Ik weet hoe ik de milieuproblemen moet oplossen, maar niet hoe ik nadien nog verkozen raak.”