© REUTERS

Slachtpartij in noorden van Afghanistan kost het leven aan zeker 36 mensen

In Sar-e Pul, een provincie in het noorden van Afghanistan, zijn begin deze maand minstens 36 mensen gedood toen strijders van IS en de taliban hun dorp aanvielen. Dat bevestigen de Verenigde Naties. De slachtoffers waren bijna allemaal gewone burgers, die op de vlucht sloegen voor het geweld.

Aanhangers van terreurgroep Islamitische Staat en van de Afghaanse taliban vielen op 5 augustus een dorp binnen in de Mirzaolang-vallei, in het district Sayad. Ze namen er enkele controleposten van de lokale veiligheidsdiensten over en richtten er ook een bloedbad aan onder de bevolking.

Volgens de VN-missie in Afghanistan UNAMA kwamen minstens 18 mensen, onder wie gewone burgers en leden van het regeringsleger, om het leven toen ze op de vlucht sloegen en werden neergeschoten door de aanvallers. Hoe de andere slachtoffers om het leven kwamen, is niet helemaal duidelijk. De geruchten dat er ook mensen zouden onthoofd zijn, kan de VN niet bevestigen. Ook is er volgens speciaal gezant voor de VN in Afghanistan Tadamichi Yamamoto nog meer onderzoek nodig naar het motief achter de aanvallen. Volgens sommige bronnen zou het gaan om sektarisch geweld tegen de overwegend sjiitische bevolking in Mirzaolang, maar daar is volgens Yamamoto nog geen bewijs voor gevonden.

Ook over het exacte aantal slachtoffers bestaat nog heel wat onduidelijkheid. De VN spreken in haar rapport over “ongeveer” 36 slachtoffers, de Afghaanse autoriteiten hadden het een dag na de aanval over 50 burgerdoden en zeker 25 vermisten. De taliban heeft de verantwoordelijk voor de aanval opgeëist, maar de groep ontkent wel dat er burgerdoden zijn gevallen en dat het zij aan zij vocht met IS.

(belga)