“Zolang de Turken op straat blijven komen voor hun democratie is Turkije niet verloren”

Print
“Zolang de Turken op straat blijven komen voor hun democratie is Turkije niet verloren”

Foto: HBvL

Vandaag één jaar geleden rolden er tanks op de bruggen over de Bosporus. Een deel van het Turkse leger pleegde een staatsgreep, maar dat gebeurde zo amateuristisch dat president Erdogan rond middernacht de Turken kon oproepen op straat te komen. Even later kon de hele wereld live op tv volgen hoe de staatsgreep mislukte omdat de burgers massaal gevolg gaven aan de oproep van de president.

De balans van de mislukte staatsgreep was zwaar. 250 burgers kwamen om, en een dertigtal coupplegers, van wie sommigen gelyncht werden door een woedende menigte. Maar sommigen, zowel binnen als buiten Turkije, hebben het over twee staatsgrepen: de mislukte van 15 juli, en de gelukte van 19 juli, de dag dat de noodtoestand werd afgekondigd die nog steeds geldt.

Van die noodtoestand heeft president Erdogan gebruikgemaakt om een ongeziene repressie te organiseren, niet alleen tegen de aanhangers van islamtheoloog Fethullah Gülen, volgens Erdogan het brein achter de staatsgreep, maar ook tegen zowat iedereen die het oneens met hem durft te zijn. Naar schatting 200.000 mensen zijn hun baan kwijt, zo’n 50.000 zitten in de gevangenis. Bovendien maakt het regime de betrokkenen ook nog eens al hun bezit afhandig.

Ondertussen raakt Turkije internationaal steeds meer geïsoleerd. In Syrië achten de Amerikanen de Koerdische YPG-milities een betere bondgenoot dan het Turkse leger. Rusland heeft nog steeds niet alle sancties opgeheven na het neerschieten door Turkije van een Russische vliegtuig in 2015. En de deur naar Europa is eigenlijk al dicht. Een toetreding van het huidige Turkije tot de Europese Unie is immers ondenkbaar.

Van de weeromstuit gedraagt Erdogan zich met de dag wispelturiger. Gisteren raakte bekend dat NAVO-lid Turkije een gesofisticeerd luchtafweersysteem gaat kopen in... Rusland.

Toch is er nog een lichtpunt voor Turkije. Vorige week had in Istanboel de grootste manifestatie plaats sinds de mislukte staatsgreep vorig jaar. En het was een manifestatie van de oppositie. Onder de slogan “Adalet” (gerechtigheid) stapte Kemal Kiliçdaroglu, de tot nu toe wat kleurloze leider van oppositiepartij CHP, de 450 kilometer van Ankara naar Istanboel af. Onderweg zwol de mars aan om op 9 juli uit te monden in een manifestatie van volgens sommigen een half miljoen mensen.

Een jaar nadat ze op straat kwamen om hun democratie te redden van de staatsgreep kwamen de Turken weer op straat voor hun democratie. Zolang ze dat doen, is Turkije niet verloren.