Graffiti op zaterdag

Graffiti

Noordelijk groen

Print
Noordelijk groen

Frans BAERT

nze reiskoffers stonden klaar aan de deur. Ik had nog de even de tijd om de boompjes die ik pas heb geplant water te geven, en om nog wat te wieden – ongelooflijk hoe snel onkruid in deze tijd van het jaar bijgroeit.
* * *

Na drie vluchten en een tocht met een Zodiac-rubberbootje op een ruwe zee, bereikten we de eindbestemming, het radiostation van Kapp Linné op Spitsbergen, in de Svalbard Archipel.

We bevonden ons op 78,4° noorderbreedte, een duizend kilometer van de pool.

* * *

Het is soms moeilijk om m’n liefde voor het Hoge Noorden aan iemand uit te leggen. Misschien omdat ik er niet altijd dezelfde redenen voor aanhaal.

De ene keer zeg ik dat het de grootse stilte is, een andere keer dat het de immense landschappen zijn, de ijsbergen, of m’n bewondering voor de bewoners die op zo’n godverlaten plek overleven.

De mafste reden is mijn wereldkaart, die vanuit een ongewoon standpunt getekend werd. Waar normaal de evenaar in het midden van de kaart ligt, staat hier de noordpool centraal – de werelddelen lijken op die manier naar de zijkanten af te druipen, met linksonder Alaska, rechtsboven Europa, bovenaan Arctisch Siberië en onderaan Canada. Op bezochte plaatsen in Lapland, Alaska, Groenland en IJsland heb ik speldjes geprikt. Nu heb ik er ook enkele in Svalbard kunnen steken. Er is nog veel plaats voor speldjes op die kaart.

* * *

In Longyearbyen, de hoofdstad van Svalbard, staat een boompje – door de groene bladeren is het heel opvallend in het monochroom grijze landschap. Wat doet het hier? De boomgrens ligt op een slordige duizend kilometer ten zuiden van Spitsbergen. Zelfs klein struikgewas heeft hier geen kans om te overleven. Buiten wat gras en mos groeit hier niets. Een boom past niet in deze biotoop – ‘onkruid’.

Het blijkt gelukkig van plastic te zijn. Een Noor die mijn verbazing merkte toen ik een blad vastnam en bestudeerde, lachte: “Dat ding is een droevig excuus voor een boom.”

* * *

Hoe hoger een mens de aardbol ‘beklimt’, hoe minder talrijk de levensvormen die hij vindt.

Niet enkel plantengroei is schaars op Spitsbergen, ook de dierenwereld is zwak vertegenwoordigd.

Ik heb er bijvoorbeeld geen enkel insect gezien, behalve één vliegje in m’n hotelkamer, dat waarschijnlijk als verstekeling was binnengesmokkeld. In meer zuidelijke Arctische landen zijn muggen een plaag, hier nooit een kunnen ontwaren.

Zoogdieren zijn ook gering in aantal. Voor mensen hetzelfde – Svalbard (dubbel zo groot als België) telt slechts 2.642 inwoners.

* * *

De taxi kon niet tot aan de deur. Door smeltwater dat enkele weken geleden het gebouw van de Wereldzadenbank op Spitsbergen was binnengedrongen, is de toegangsweg nu afgesloten. Toen de zadenbank negen jaar geleden geopend werd, hield men zoiets voor onmogelijk. De opwarming van de aarde laat zich hier sterk voelen.

Ironisch dat op Spitsbergen waar ongeveer niets groeit, de grootste zadenverzameling ter wereld is ondergebracht. Het klimaat en de afzondering verhogen de overlevingskansen van zaaigoed in geval van een nucleaire catastrofe of ander cataclysme.

Vandaag werden er al 930.000 zaadmonsters opgeborgen, er is plaats voor 4,5 miljoen – boontjes, tomaten, tarwe…

Ooit was Spitsbergen wel een vruchtbare plek, daarvan getuigen de fossielen van varens, bloemen en graansoorten die aan de voet van de gletsjers in het gruis te vinden zijn. De fossielen vormen een soort versteende zaadbank.

Een zaadbank uit het verleden en een voor de toekomst liggen in een onvruchtbaar heden op een boogscheut van elkaar verwijderd. Een tijdslijn loopt als een soort biologisch wormgat dwars door deze Arctische eilandengroep. Het noordelijk groen als reddingsboei voor de planeet.

* * *

Blik vaker Noordwaarts.

Ga in tegen de wind, zo krijg je een blos op

de wangen.

Vind het ruige pad. En blijf erop.

Het is de kortste weg.

Noord is best.

Rolf Jacobsen (1907-1994),

‘Nord’ (1985)

* * *

Terug thuis maakte ik een wandeling door de tuin. De rozen, zonnehoedbloemen, alles stond uitbundig in bloei, maar ook de netels en distels…

Geen kruid zonder onkruid, zo lijkt het – een evenwicht zo oud als de planeet. Hopelijk werd er in de ijskoude kelders van Svalbard ook plaats voor het lastige groen voorzien.

Good luck en tot ziens.

Uw trouwe dienaar, FB