Frieten duurder voor toeristen: klacht tegen frituren die korting geven aan eigen inwoners

Print
Frieten duurder voor toeristen: klacht tegen frituren die korting geven aan eigen inwoners

Gauthier Gevaert, uitbater van het Brugsch Friethuys, kreeg gelijk van de FOD Economie: hij mag Bruggelingen korting geven. Foto: Inge Kinnet

Brugge -

Eigen volk eerst, toch als het op een frietje ­steken aankomt in Brugge. Twee frituren verkopen daar hun frieten en frikandellen tien procent duurder aan toeristen dan aan Bruggelingen. Pure discriminatie, vond een toerist die een klacht indiende bij de FOD Economie. “Maar dit is perfect legaal”, zegt de FOD.

Een pakje frieten met joppiesaus en een kipcorn: dat is dan 7,5 euro alstublieft. Voor u dan toch, de nietsvermoedende toerist die van de stemmige kasseistraatjes en feeërieke Brugse Reien komt genieten. De local die z’n bestelling in het plat Brugs bestelt, betaalt 6,8 euro.

“Tien procent Brugse ­korting, ja. Dat staat ook expliciet op het kasticket’, zegt ­Gauthier Gevaert, de uitbater van het Brugsch Friethuys. ‘Waarom we dat doen? Om vaste klanten te maken van de lokale inwoners hier. Om ons op en top Brugse imago uit te spelen. We willen niet alleen op die massa toeristen ­mikken, maar ook een band smeden met wie hier vaak komt.”

Gevaert is niet de enige: in frituur Chez Vincent in Brugge betalen toeristen ook tien procent meer. “Het is gewoon een andere knop op mijn kassa”, zegt uitbater Philippe Thijs. “Je hebt de normale prijs, de prijs voor Bruggelingen en studenten (min tien procent) en de prijs voor wie zijn frieten meeneemt naar huis (min vijftien procent).”

Maar hoe controleer je die Brugse korting? Moet je echt in Brugge wonen, of in de buurt van de West-Vlaamse hoofdstad? Telt alleen de ­binnenstad, of mogen deel­gemeentes ook nog? “Ik ga aan niemand zijn paspoort vragen”, zegt Gevaert. “Ik hoor het wel als iemand van hier is: als je het dialect spreekt, is het voor mij goed. De eerste keer krijg je die korting niet, vanaf de tweede keer wel. Zo bouw ik mijn cliënteel op.”

De toerist die het West-Vlaams niet machtig is, betaalt dus wel tien procent meer in het frietkot. Of een volle euro meer voor een kopje koffie in restaurant De Beurze op de Markt (3,8 in plaats van 2,8 euro). Want daar hebben ze óók een Brugse korting.

Niet op basis van ras

“Het ligt soms wel wat gevoelig”, geeft Thijs toe. Voor het Brugsch Friethuys kwam het zelfs tot een klacht bij de FOD Economie. “Iemand die duidelijk niet van hier was, maar die toch zijn korting eiste”, zegt Gevaert. “Kijk, ik geef korting aan de locals als klanten­binding. Zie het als een soort klantenkaart. Een dagjes­toerist uit Antwerpen of een Amerikaan op doorreis door Europa die hier één keer komt, betaalt de normale prijs, sorry.”

De friturist kreeg gelijk van de FOD. “Het is perfect legaal om op basis van objectieve redenen, zoals inwoner zijn van een stad, een korting toe te kennen”, zegt Chantal De Pauw van de FOD Economie. “Zolang de klant maar op voorhand weet wat de regels zijn. En zolang het maar geen discriminatie op basis van bijvoorbeeld ras of geloof is. Alle blanken of alle moslims tien procent korting geven, dat mag níét.”

Alle Bruggelingen korting geven dus wel. “Voor zover ons bekend, doet alleen Brugge dit. Ik ken geen andere steden met inwonerskortingen in de horeca”, zegt Gerrit Budts van Horeca Vlaanderen.

De Brugse burgemeester ­Renaat Landuyt (SP.A) noemt de korting ‘sympathiek’. “Er komen hier tot zes miljoen toeristen per jaar. Dat maakt van Brugge een dure stad. Dit soort kleine gestes is dan leuk. Het is de vrijheid van de uitbater om dat te doen.”

“En het is de vrijheid van de misnoegde Gentenaar in Brugge om naar een andere frituur zonder Brugse korting te gaan”, zegt De Pauw.