Een nieuw gevechtsvliegtuig mét piloot ontwikkelen is even gek als het ontwikkelen van een nieuwe stoommachine

Print

duchâtelet op vrijdag

Een nieuw gevechtsvliegtuig mét piloot ontwikkelen is even gek als het ontwikkelen van een nieuwe stoommachine

Foto: LD

Onze militairen willen blijkbaar nog steeds ons geld uitgeven aan gevechtsvliegtuigen. Ben eens gaan kijken naar de catalogusprijs van de F-35, een van de kanshebbers. Eentje kost evenveel als 500 Ferrari’s.

Als we vandaag een toestel zouden ontwerpen om vanuit de lucht bepaalde dingen met raketten of zo te bestoken, dan zou niemand op het idee komen ook nog een mens in zo’n tuig te steken. Het menselijke lichaam kan geen snelle wisselingen van luchtdruk weerstaan, dus de luchtdruk moet rond die persoon stabiel worden gemaakt door een ingebouwde machine. Maar snelle acceleraties of vermindering van snelheid kan een mens ook niet verdragen. Bovendien wil men hem nog redden als het vliegtuig geraakt wordt, zodat er een schietstoelsysteem aan te pas komt. De piloot wordt echt wel de zwakke schakel van zo’n luchtaanvaltoestel. Allemaal extra kosten, gewicht en het risico dat een of ander deel van het systeem defect raakt. Gewicht is een vijand van versnelling of vertraging, ook in de bochten, terwijl een efficiënt gevechtsvliegtuig zeer snel in vele richtingen moet kunnen bewegen.

Sommigen zeggen blijkbaar, ja maar, die piloot, die is er dan toch om in kritische situaties moeilijke beslissingen te nemen! Bij treinen zijn de bestuurders verantwoordelijk voor 80 procent van de ongevallen. Ook zo bij de recente ongevallen met sneltreinen in Spanje, Frankrijk en Duitsland. De Londense treintjes zonder bestuurder hebben in hun 30-jarig bestaan nog geen ongeval gehad, terwijl hun klanten ze voor meer dan 100 miljoen verplaatsingen per jaar gebruiken.

De hoofdoorzaak van ongevallen in de burgerluchtvaart zijn menselijke fouten van de piloten.

De F-35 weegt leeg 10 ton, er komt nog eens 6 tot 9 ton brandstof bij en jij kan dan nog 5 ton aan wapentuig en dergelijke meenemen.

De ontwikkeling van de gevechtsvliegtuigen die onze militairen willen kopen, is 25 jaar geleden gestart. Dat is aan de snelheid van de huidige technologische ontwikkeling gemeten, een eeuwigheid geleden. Een volgende generatie, daar wordt wel over gepraat maar is niet in ontwikkeling.

Een nieuw gevechtsvliegtuig mét piloot ontwikkelen is even gek als het ontwikkelen van een nieuwe stoommachine, zwart-wit tv, een kwikthermometer of een slagschip.

Het gevechtsvliegtuig is een product dat op het einde van zijn levenscyclus is gekomen.

Het toestel dat het gevechtsvliegtuig vervangt is er al: de drone. Ze zijn veel lichter, goedkoper, wendbaarder, enz.

Omdat de enorme vliegdekschepen die we nu kennen over enkele jaren even oubollig zullen zijn als gevechtsvliegtuigen, ontwikkelt het ministerie van Defensie van de VS nu reeds veel kleinere schepen die de mobiele luchthavens voor drones zullen worden.