DE KERN

“Oosterweel-investering in begroting? Maar waar moeten we dan besparen?”

Print
“Oosterweel-investering in begroting? Maar waar moeten we dan besparen?”

Foto: hbvl

Elk jaar moet ons land een Stabiliteitsprogramma indienen bij de Europese Commissie. Daarin geeft de federale regering aan hoe ze de overheidsfinanciën onder controle wil houden, welke de begrotingsdoelstellingen op middellange termijn zijn en hoe de staatsschuld zich zal ontwikkelen. Zoals geweten moet het begrotingstekort onder de 3 procent van het bruto binnenlands product liggen en zou de schuld niet meer dan 60 procent van dat binnenlands product mogen zijn.

Vorig jaar bedroeg het bbp 422 miljard euro. Gezien de economische groei gaan we dit jaar naar een bbp van om en rond de 428 miljard euro. Dit betekent dat het begrotingstekort nier meer dan 12,8 miljard euro groot mag zijn. En dat de staatsschuld maximaal 257 miljard euro groot mag zijn. Het begrotingstekort onder de 12,8 miljard euro houden, is geen probleem. Maar omdat onze staatsschuld 450 miljard euro groot is veel te groot is en dit jaar niet zal verkleinen, moet ons land extra begrotingsinspanningen doen. Meer concreet moet ons land het begrotingstekort opnieuw met 0,6 procent verminderen om zo verder te evolueren naar een begroting in evenwicht voor alle overheden samen. Dat helpt om op termijn ook de staatsschuld te verminderen.

Voor de federale regering haar Stabiliteitsprogramma indient bij de Europese Commissie, overlegt ze eerst met de regionale regeringen. Omdat die mee verantwoordelijk zijn voor de totale begroting. Dat overleg verloopt moeizaam. Omdat de Vlaamse regering wel al een begroting in evenwicht heeft. Maar de investeringen voor de ontsluiting van Antwerpen, het zogenaamde Oosterweeldossier, buiten begroting wil houden. Het gevolg is dat het structureel tekort niet met 0,6 maar slechts met 0,5 procent van het bbp daalt, wat niet mag van de Europese Commissie. En wat meer is, investeringen buiten begroting houden mag ook niet van Europa.

Dit is geen klein probleem. Indien de Vlaamse regering de Oosterweel-investeringen in de begroting moet opnemen, zal ze op andere posten fors moeten besparen. Maar waar? Op onderwijs, ouderenzorg, sociale huisvesting of openbaar vervoer? Moeilijk, want ook daar zijn grote noden. Of men spreidt de werken over een heel lange tijd. Maar ook dat is geen oplossing, de werken moeten zo snel mogelijk beginnen om te voorkomen dat Antwerpen en bij uitbreiding de hele Vlaamse economie verstikken.

Eerlijk gezegd, we kunnen de Europese Commissie niet volgen. Wanneer wij een huis bouwen, is het toch ook normaal dat we daarvoor lenen en dat we die lening vervolgens gedurende een bepaalde periode aflossen en daar rekening mee houden in onze begroting. Idem dito voor bedrijven die investeren. Waarom kan dat niet voor overheden?