Mode

Poetstip van de week, met Liesbeth van het Poetsbureau

Zo ruim je jouw kleerkast op

Daar is de lente, daar komen nieuwe kleren voor het voorjaar, maar er is geen plaats meer in je kleerkast. Hoog tijd om op te ruimen, maar hoe begin je eraan? Liesbeth van Het Poetsbureau geeft tips.

- Laad de kleer- en de schoenenkast helemaal uit.

- Maak drie stapels (je kunt ook (vuil)zakken of dozen gebruiken). Stapel 1: spullen om te houden. Stapel 2: twijfelgevallen. Stapel 3: dingen om weg te doen.

- Controleer eerst elk kledingstuk op vlekken of beschadigingen. Onherstelbare kleding gaat onverbiddelijk op de stapel ‘dingen om weg te doen.’ Zaken die nog te repareren zijn, leg je apart en breng je zo snel mogelijk naar een reparatieatelier of herstel je zelf. Zijn ze na een maand nog niet weggebracht of hersteld? Dan doe je die kleren ook weg.

- Ga verder met de kledingstukken die niet stuk zijn of waar geen vlekken op zitten, maar die je het vorige seizoen niet gedragen hebt. Misschien passen ze niet goed of zitten ze onprettig. Misschien passen ze niet bij de rest van je garderobe of zijn ze gewoon ouderwets. Leg de kleren waarvan je zeker weet dat je ze niet meer zult dragen, ook op de stapel ‘dingen om weg te doen’.

- Voor je de kleren opnieuw in de kast hangt of legt, stofzuig je alles en veeg je de planken en laden schoon met een vochtige doek en een mild schoonmaakmiddel.

- Hang en leg de kleren en schoenen die je dit seizoen nodig hebt, weer netjes weg. Jurken, rokken, hemden, blouses, cardigans, vesten en jasjes hang je op kapstokken. Zorg dat je degelijke kapstokken met afgeronde uiteinden gebruikt die je kleren niet beschadigen. De ijzeren kapstokken van de droogkuis ofstomerij zijn echt niet bruikbaar om kleren permanent op te hangen. T-shirts en truien kun je opvouwen. Zorg dat je ze allemaal even breed opvouwt zodat je mooie stapels krijgt. Wie heel veel kleren heeft, kan ze ook ordenen op kleur. Dat geeft rust en maakt het je gemakkelijk om kleren te combineren.

- Ondergoed, lingerie en sokken stop je in aparte opbergdozen voor je ze weer in de kast zet. Voorzie ophangsystemen voor sjaals, riemen, kettingen en andere accessoires. Stop juwelen, zonnebrillen, haarspeldjes, haarlinten en andere kleine spullen in doosjes zodat ze niet rondslingeren.

- De kleren en schoenen die je bijhoudt voor het volgende seizoen, berg je op in een andere kast of stop je in speciale zakken of dozen die eventueel onder het bed of in een andere kamer gezet worden.

- Je kleerkast is nu helemaal opgeruimd. De zakken met kleding die weg mag, kun je naar een speciale kledingcontainer of de kringloopwinkel brengen. In veel buurten vinden er ook ophaalacties plaats waarbij je de kleren kunt buitenzetten.

- Dan blijft de stapel met twijfelgevallen over. Een kledingstuk kan nog in perfecte staat zijn, maar toch nooit gedragen worden. Stop de twijfelkleding in een doos en bekijk ze over twee weken nog eens. Beslis op dat moment definitief wat je houdt en wat je weg doet. Goede kleding breng je naar een kringloop- of tweedehandswinkel of verkoop je op een tweedehandssite.

- Organiseer eens een klerenruilavondje! Vraag iedereen om minstens vijf stuks schoenen en/of kleren mee te brengen die ze niet meer dragen, maar nog wel mooi zijn.

Meer poetstips vind je in De Grote Schoonmaakbijbel, uitgegeven met Het Poetsbureau bij Lannoo, 29,99 euro, www.poetsbureau.be/vraag-het-aan-liesbeth

Niet te missen