vanmechelen op woensdag

© LD

Geluk is niet te vatten in een cijfer

Mensen houden van lijstjes, die eindeloze kadertjes rond brokken realiteit die ons de indruk moeten geven dat meten weten is. Dat is een dwaling. Lijstjes zijn niet meer dan ruwe tools die een halve richting aangeven in een heel complexe context. Niet zelden zijn ze beperkt, eendimensionaal en soms zelfs misleidend. Ja, het is leuk om in de top 100 van de Machtigste Limburgers te staan. Maar macht? Invloedrijk is een betere term, zo denk ik dan. En wat met Limburgers met de grootste autoriteit, de mensen die voorbeelden zijn en een weg tonen? Ver van het molenwieken van de macht. Die denkende doeners, die bakens in moeilijke tijden. Velen van hen haalden de top 100 niet. Alles, ook macht, is relatief.

Koen Vanmechelen, kunstenaar

Een ander lijstje dat de aandacht stal was het jaarlijkse wereldgeluksrapport van de Verenigde Naties. Met de Noren als gelukkigste mensen ter wereld, en de Centraal-Afrikaanse Republiek als ongelukkigste van 155 landen. Wij kissebissende Belgen staan op de 17de plaats, na Duitsland en voor Luxemburg. Ook deze lijst bolt van de ongerijmdheden. Burgers van narcostaat en migratieland Mexico (25) zouden gelukkiger zijn dan Fransen (31) en Spanjaarden (34). Benieuwd of de muur van president Trump daar wat geluksgevoel van doet afkalven. Serviërs (72) en Filipino’s (73) zijn volgens het rapport even gelukkig. Nou zeg, dat kan enkel iemand beweren die nog nooit een voet in het korzelige Balkanland noch in de eeuwig glimlachende wereldhoofdstad van de selfie gezet heeft. En wat Saoedi-Arabië - zouden ze dit ook aan de vrouwen gevraagd hebben? - op een 37ste plaats doet, mag Joost weten. Dezelfde bedenking over de Verenigde Arabische Emiraten (21), land van arrestaties, deportaties en wanhoop van migranten, bekend om zijn moderne slavernij. En dat de Kosovaren (78) blijer zijn dan de Indiërs (122) lijkt me ook raar. Net als die van Somaliërs - remember Black Hawk Down – op de 93ste plaats vormt hun rangschikking een mysterie.

In de film ‘Lion’, gebaseerd op een autobiografisch boek, maken we kennis met de vijfjarige Saroo en zijn familie. Moeder Kamla, broer Guddu en baby zus Shekila zijn straatarm en leven in een krot in het Indische dorpje Ginestlay. In het bergdorpje Inopacan op het tyfooneiland Leyte leeft de 85-jarige Cading van de opbrengst van haar kokosbomen. Een simpel leven noemt ze het. Ze is graatmager maar ijzersterk, hoopt elke dag op de komst van haar kleindochter. In Harare dansen jonge meisjes rond een beeld. Met elke ronde wordt de herinnering aan hun moeilijke jeugd iets vager.

Elk van deze mensen, en samen met hen zovele anderen, zijn gelukkiger dan ons Belgen, dan de Noren zelfs. Ze aanvaarden het leven zoals het is. Simpel, hard en mooi. Lijstjes vergeten hen altijd. En dat vinden ze prima. Hun geluk is niet te vatten in een cijfer.