Student verpleegkunde: “Met glimlach van patiënt kunnen we geen huis afbetalen”

Print
Student verpleegkunde: “Met glimlach van patiënt kunnen we geen huis afbetalen”

Foto: ss

Er wordt vandaag gestaakt in alle sectoren van de non-profitsector (welzijn, zorg en cultuur). Dat zal voor hinder zorgen in onder meer ziekenhuizen, woonzorgcentra en zorginstellingen. Wie vandaag wel zijn verplegerspak aantrekt, is Rik Renard (19). De tweedejaarsstudent verpleegkunde uit Huldenberg is nog altijd erg gemotiveerd om anderen te helpen, maar roept de regering in een open brief op om de job wel leefbaar te houden en te waken over de kwaliteit ervan.

Rik koos twee jaar geleden voor de opleiding Verpleegkunde aan de UCLL in Leuven. “Ik koos voor deze hogeschool omdat ze verbonden is met Gasthuisberg (UZ Leuven, nvdr.), en dat ziekenhuis staat goed aangeschreven”

Maar al gauw stelde Rik vast dat de praktijk niet altijd overeenkomt met wat hij op school leert. “Tijdens mijn stages in twee ziekenhuizen en een woonzorgcentrum in Leuven merkte ik dat vooral oudere collega’s het werk erg zwaar vinden. Op mijn stageplek nu werken er een twintigtal mensen, waarvan drie of vier jonge twintigers. De anderen zijn veertigers, vijftigers en één iemand van halverwege de zestig. Zij kunnen het tempo van de jongere collega’s niet volgen. En als dan die rimpeldagen (extra compensatiedagen vanaf 45 jaar) nog wegvallen...”

Rik vertrok na dit gesprek naar zijn volgende stagedag. Bezorgd om wat de toekomst zal brengen, “maar met volle goesting”, verzekerde hij ons.

Lees zijn volledige open brief hier:

Geachte regering,

Ik ben een jonge, gemotiveerde student verpleegkunde. Zoals algemeen geweten moet je dit beroep met volle overgave beoefenen. Indien je dit beroep tegen je goesting uitvoert, hou je het geen 5 jaar vol. Mensen die niet thuishoren in de richting vallen dan ook snel af.

Al snel viel me op dat er een enorm verschil is tussen theorie en praktijk. Alles in mijn boeken leek me rozengeur en maneschijn. De patiënten kregen proper incontinentiemateriaal wanneer het ander vuil was. Met handhygiëne wordt, althans in de boeken, steeds rekening gehouden. Voor rugsparende technieken is er steeds ruimte. Maar dan kom je op de werkvloer terecht en komt er een heel ander perspectief naar boven. Er is niet altijd tijd om aan je rug te denken, voor proper incontinentiemateriaal is geen geld. De werkdruk die men op de schouders van de verpleegkundige legt is hoog. Té hoog.

Het is duidelijk dat we steeds langer zullen moeten werken en dat we zullen moeten besparen. Maar waar is het werkbaar werk? De rimpeldagen zijn er net gekomen om het werk langer vol te houden. Verpleegkundigen op een zekere leeftijd moeten kunnen volgen met de jeugdige inflow. Het lichaam heeft steeds meer tijd nodig om te recuperen. Als het zo verder gaat, zullen de burn-outstatistieken de hoogte in vliegen. Wat dan? Heeft de besparing dan zijn vruchten afgeworpen? Ik vrees van niet.

Het is genoeg geweest met besparen op de zorgsector. Zoals ik eerder heb vermeld, ben ik nog maar student verpleegkunde, tweede jaar. Als iemand die nog maar enkele maanden ervaring heeft op het werkveld de enorme druk op de vloer al op merkt, hoe denk je dat verpleegkundigen met bakken ervaring zich moeten voelen?

Ik hoor ze nog zeggen dat, indien je voor dit beroep kiest, je heel wat offers zult brengen, dat onze rug het zal begeven na ons zestigste, dat ons sociaal leven eronder zal leiden… maar dat je er wel de glimlach van de patiënt voor in de plaats krijgt en dat is voor vele verpleegkundigen al een beloning die men niet kan omzetten in geld. Maar we gaan niet hypocriet doen. Een glimlach is geweldig maar daarmee gaan we ons huis niet afbetalen. Het gaat er niet voor zorgen dat we meer uitgerust zullen zijn na de zoveelste zware avondshift. Niet vergeten dat we de dag nadien een vroege shift hebben en dus om 5 uur uit de veren moeten.

We hebben voor de glimlach van de patiënt gekozen, maar de traan die over onze wangen loopt van vermoeidheid en machteloosheid? Daar hebben ze ons niet over geïnformeerd.

Rik Renard