COLUMN - SLANGEN OP MAANDAG

Is de kerk gedegradeerd tot een evenementenhal waar je enkele levensgebeurtenissen viert?

Print
Is de kerk gedegradeerd tot een evenementenhal waar je enkele levensgebeurtenissen viert?

Foto: Jimmy Kets

Soms loop ik de Sint-Quintinus-kathedraal van Hasselt binnen, neem na wat dwalen door de zijbeuken plaats op een stoel, en geniet te midden van de drukke stad van enkele weldoende momenten van sacrale rust. Ik benijd de mensen die houvast en kracht uit geloof putten. Maar ze zijn wel met steeds minder. Terwijl er nog steeds even veel kerken zijn.

In Hasselt wordt, zoals in vele gemeenten binnen en buiten Limburg, het debat gevoerd of enkele nog amper gebruikte kerken een andere bestemming kunnen krijgen. Voor een krimpende groep gelovigen is dat een zeer emotioneel debat. Een groeiende groep Vlamingen ziet de kerk niet langer als een plaats van geloof en reflectie, maar als een evenementenhal waar je enkele levensgebeurtenissen viert. Anderen verkiezen hun geloof te beleven buiten de context van een kerk. Het resultaat is dat de geloofsgemeenschap van een doorsnee gemeente ongeveer één forse kerk vult. Desondanks veroorzaakt het idee om enkele Hasseltse kerken om te vormen tot een ontmoetingsruimte, een speelruimte, woonplekken en een markt, heel wat protest. Een ontmoetingscentrum kan er nog net door, maar ieder ander idee vervult sommige critici met afgrijzen.

In Nederland staat men al veel verder in dit debat. De mooiste boekhandel van Europa bevindt zich in Maastricht, en die zit in de Dominicanenkerk. In het Kruisherenklooster vlakbij werd een prachtig hotel gerealiseerd, waarbij de kerk omgevormd werd tot receptie en restaurant. Maar ook heel wat andere Maastrichtse kerken kregen een nieuwe functie. Ze huisvesten vandaag universiteitsgebouwen, scholen, woningen, musea, een theater, een bioscoop, een rechtbank en zelfs een sporthal. Is de Nederlands-Limburger dan minder gelovig dan de Vlaamse? Neen, hij stelt gewoon nuchter vast dat er in Maastricht nog genoeg gewone kerken zijn.

Dat het debat om sommige kerken te herbestemmen in ons land zoveel moeilijker loopt, hebben we misschien wel aan Napoleon te danken. Die confisqueerde destijds de kerken. Het gevolg is dat in België, Frankrijk en delen van Italië de gemeente of de overheid bijdraagt in de kosten voor kerken. Zo klaagde een Limburgse burgemeester ooit dat de kerkgebouwen de gemeente al twee sporthallen gekost hadden. De factuur voor de Limburgse gemeentebesturen bedraagt dan ook zo’n 10 miljoen euro per jaar. Kerken van historische waarde zijn erfgoed en moeten uiteraard door de gemeenschap onderhouden worden. Maar denkt u niet dat het herbestemmingsdebat hier net zo vlot als in Nederland zou verlopen, als hier de kerkgemeenschappen ook zelf voor de kosten zouden instaan?