© dirk vertommen

Koppels en 65-plussers zijn het gelukkigst

Vlamingen geven zichzelf gemiddeld een score van zeven op tien als het op geluk aankomt. Niet verwonderlijk wordt de geluksscore fel beïnvloed door de relatiestatus. Dat blijkt uit een rondvraag van onderzoeksbureau Indiville in opdracht van VRT Nieuws bij 2.163 Vlamingen tussen 18 en 75 jaar.

Op een schaal van één tot tien zijn de verschillen relatief klein, maar in de evolutie van het geluksgevoel zijn er toch twee duidelijke tendensen: oudere Vlamingen zijn gelukkiger dan jongere, en koppels zijn gelukkiger dan singles.

De allergelukkigste koppels zijn de 66-75-jarigen. Zij geven hun relatie een 7,5/10. Ook de koppels wiens kinderen het huis uit zijn, - de zogenoemde “emptynesters” - zijn met 7,4 gelukkiger dan gemiddeld, net als de koppels die bewust een LAT-relatie aangaan (7,4).

Samenwonende koppels (7,2) scoren iets hoger dan singles (6,6) en thuiswonenden (6,4). De minst gelukkige groep zijn de vrijgezelle dertigers die nog thuis wonen (6,4). Ook bij ouders die de zorg voor hun kinderen alleen op zich nemen (6,6), ligt de geluksscore iets lager.

“Ons gemiddeld geluksgevoel kent enkele ups en downs in de loop van ons leven. Het allergelukkigst zijn we als kind, en na ons 65ste. Daartussen gaat het even bergaf”, legt socioloog Dimitri Mortelmans (UA) uit. “De 35-45-jarigen voelen zich globaal het minst gelukkig. In die periode is ons leven vaak erg druk. Een job, een relatie, kinderen, hobby’s: al die factoren succesvol combineren zet meestal een domper op je geluk, zelfs al heb je in theorie alles wat je hart begeert,”, aldus Mortelmans.