Jani wordt mama

Print
Jani wordt mama

Foto: HBVL

Mijn vrouw is fan van Jani. Ze delen enkele passies, onder meer een hypomanische drang tot de aanschaf van schoenen. De belangrijkste reden voor de verbouwing-uitbreiding van ons huis enkele jaren geleden, was ruimte creëren voor haar immense collectie. Ze wordt door intimi ook wel eens de Imelda Marcos van Alken genoemd (daar komt ze vandaan).

Voorts heeft zij ook de neiging om - à la Jani - meewarig het hoofd te schudden en betekenisvol de andere kant op te kijken wanneer ik mij heb opgekleed. “Carl, dit kan echt niet”, zegt ze dan tegen een camera die er niet is, en ik word terug naar boven gestuurd. Ik heb er geen benul van waarover het gaat, maar zij en Jani wel.

Ik moest maandag naar ‘Jani Gaat…’ kijken, de aflevering waarin de modegoeroe uit Waterschei een weekje mama speelt van een jong kroostrijk gezin. “Hij is zó schattig!”, zei ze. De opdracht leek me niet oninteressant, aangezien mijn wederhelft mij het vertrouwen gunt om grotendeels de zorg over onze twee jongens (5 en 9) waar te nemen. Het was een kans om Jani eens te beoordelen in een rol waarover ik veel, zoniet alles weet. Jani worstelt met het feit dat velen van zijn vrienden-leeftijdsgenoten kinderen hebben en zijn vriend wil er ook wel eentje. Maar hij weet nog niet of hij zijn comfortabel leventje daarvoor op het spel wil zetten.

Hij kwam voor ‘Jani Gaat…’ terecht in een allerschattigst Limburgs gezinnetje, ze noemen zichzelf de Smitjes, met vier jonge kinderen tussen 7 en 1. Ze heten Niene, Nore, Neel en Nand, wat een briljant gevoel voor stafrijm.

Ik merkte dat Jani onmiddellijk geconfronteerd werd met een ernstige handicap inzake goed ouderschap. Hij kan niet tegen de geur van kinderkak. Toen Nandje, de jongste, zichtbaar een kwalijke stank begon te verspreiden, zag je Jani bleek wegtrekken. “Moet ik nu echt aan een gat gaan ruiken?” Hij deed het en wendde onmiddellijk het hoofd af. “Oh fucking hell!” Het deed me denken aan enkele wereldbekende passages uit ‘De Pfaffs’, ruim tien jaar geleden, wanneer Sam Gooris zijn inmiddels flinke zoon Kenji moest verschonen, of een drol van de dobermann opkuisen. Een oncontroleerbare reflex zette Sam iedere keer aan het kokhalzen. Hij heeft dat trouwens nog. We spelen samen zaalvoetbal, en onder de douche durft een onverlaat wel eens stoom af te laten, precies op het moment dat Sam zich bukt om de shampoo neer te zetten. Waarna het slachtoffer spiernaakt en kletsnat naar de toiletten holt. Het is geen fijne grap meer, Sam ziet er echt van af.

In de Colruyt verloor Jani de controle. De kindjes schoten alle kanten op, sleurden vanalles uit de rekken, kwamen onder winkelwagentjes terecht en er moest er eentje pipi doen. Goede raad voor allen die met het probleem geconfronteerd worden. De Colruyt heeft structuur: eerst loop je langs de wijnen en daarna komt de chips. Elk één zakje naar keuze, tijdens het winkelen te verorberen. Iets verder de gezonde frisdranken, elk één flesje. Daarna zet je ze af in de gang met het speelgoed, “papa komt jullie zo halen”. Ze veroorzaken geen seconde last meer, én: ze zijn gék op de Colruyt.

Jani kan, zoals u weet, geestig uit de hoek komen. Toen hij met Neel schoenen wilde gaan kopen, rende het jongetje hard weg. Jani sprak ontgoocheld: “Geen belangstelling voor schoenen, zonder enige twijfel een 100 procent hetero!” En toen hij ’s avonds de moeder van de bende aan de telefoon had, huilde hij oprechte tranen van geluk. “Ach”, verontschuldigde hij zich richting lens, “mama’s onder elkaar, hé.”

I like the guy. Maar hij moet wel leren poepjes schoon te vegen.