Carl Huybrechts

Bruno’s Beste Vrienden

Print
Bruno’s Beste Vrienden

Foto: HBvL

Het spook der besparingen doolt door de gangen van de openbare. Iedereen is er bang voor. Groepjes werknemers troepen bevend samen. Vallen er slachtoffers? Naakte ontslagen? Blijft het bij natuurlijke afvloeiing? Kan het platleggen van de zender het fantoom verjagen?

Ik zie andere mogelijkheden. Je zou bijvoorbeeld zowel centen áls de kijkers kunnen sparen door niet te veel uit te geven aan programmaatjes die passen onder de noemer zendervulling. Zo zijn er wel wat. ‘Beste Vrienden’ bijvoorbeeld. Bruno Wyndaele heeft het recht verworven om als extern producent én als presentator van zijn eigen bedenksels elk jaar de dure globe op zijn bureau te bestuderen en dan met de vinger enkele exotische plaatsen aan te wijzen waar hij wel ’ns naartoe wil. Hij neemt dan telkens twee stellen min of meer bekende medemensen mee en legt zichzelf en de gelukkigen in de watten. Zo maak je op kosten van de VRT-kas en dus van de belastingbetaler vriendjes in het milieu. In ruil voor de traktatie voeren de gasten gewillig enkele volslagen oninteressante opdrachtjes uit, slappe afkooksels van spelletjes uit ‘De Mol’ en lang niet zo boeiend als die in pakweg ‘Expeditie Robinson’.

In de eerste aflevering van het nieuwe seizoen voerde Bruno de ook bij ons gevierde Nederlandse cabaretier Marc-Marie Huijbregts op (wiens achternaam totaal verkeerd wordt geschreven), de Nederlandse televisiemeid Daphne Bunskoek (zo goed als volslagen onbekend in Vlaanderen, maar wel een lekker ding; ze heeft het ooit een tijdje gedaan met Jeroen Pauw) en Mathias Vergels en Nawfel Bardad-Daidj - twee jongens die in ‘Thuis’ voorkomen en in Vlaanderen dus het predicaat acteur verdienen, maar ik ken ze niet. Wat me lichtjes stoorde was dat ze onder elkaar voortdurend Franse tussenzinnetjes bezigden, een beetje zoals de snobjes vroeger op college: “Je m’en fous”, en “Sais pas”, of “Allez, vas-y”. Toen ze aan de telefoon te horen kregen dat ze naar Bohemen zouden afreizen, keken ze elkaar dommig aan. Zij vlogen van het nog onbeschadigde Zaventem, de Nederlanders vanuit Schiphol, naar het zomerse en prachtige Praag waar Bruno hen warm ontving. Bruno Wyndaeles vooraanzicht was begroeid met een zware snor en ‘n sikje waardoor hij er onder zijn witte hoedje uitzag als de schurkerige Don in oude Zorro-films. De eerste opdracht speelde zich af in Pilsen, het wereldbekende brouwersstadje, waar de doorsnee-Tsjech op straat pilsjes moest proeven en er het Tsjechische, Nederlandse en Belgische moest uit halen. Wyndaele bezocht ondertussen de fameuze brouwerij, en we kregen voor de vijfhonderdste keer in een televisieprogramma uitgelegd waar de naam pils wel vandaan komt. Een educatieve toets mag in ‘Beste Vrienden’ niet ontbreken, ’t is wellicht een van de argumenten om het programma te mogen maken. Bruno’s snor hing snel vol schuim. Ik veegde het met de afstandsbediening weg.

 

Met veel minder geld gemaakt en veel geestiger is ‘Umesh Pop-Up Teevee’. Ik schoot hardop in de lach toen Umesh Vangaver in rusthuis Battenbroek ultralokale televisie ging maken. ‘The Voice’ met juryleden die zich omdraaiden in hun rolstoelen, heel plezant, net als ‘De Slimste Bejaarde Ter Wereld’. Na ‘n filmpje vroeg Umesh aan de kandidaten: “Wat hebben we gezien?” “Ik heb just niks gezien”, sprak ene Désiré, “ik had mijnen bril ni oep.” En toen Umesh na de finale uitriep: “’t Is gebeurd!” vroeg Désiré aan zijn vrouwelijke tegenstander: “Wat zeitem?” “Dat het gebeurd is.” “Wat is er gebeurd?” “Ja, dat weet ik ook niet…”