Werkbaar werk?

Print
Werkbaar werk?

Foto: HBvL

Werkgevers en vakbonden discussiëren al langer over meer werkbaar werk en flexibilisering van de arbeidstijd. Zonder dat er echt schot in het overleg kwam. Daarom pakt federaal minister van Werk Kris Peeters nu zelf uit met een voorstel.

Hij stelt voor om de 38-urenweek los te laten. Tijdens drukke periodes zou men tot 45 uren per week mogen werken om vervolgens minder uren te werken tijdens minder drukke periodes. Maar op jaarbasis zou het nog altijd gaan om 38 uren per week. Daarnaast wil de minister tot 100 overuren tegen betaling toelaten, overuren die dan niet meer moeten gecompenseerd worden met verlof.

De drie vakbonden schoten het voorstel van Kris Peeters meteen af. Dat is jammer maar was te verwachten. Omdat de vakbonden vooral keken naar het loslaten van de 38-urenweek. In dit geval zal het de werkgever en niet de werknemer zijn die bepaalt wanneer er langer dan wel korter wordt gewerkt. Terwijl bij het toelaten van 100 betaalde overuren het de werknemer is die beslist of hij al dan niet meedoet. Maar daar repten de vakbonden met geen woord over.

Los hiervan is het nog maar de vraag of werkbaar werk, te verstaan als een goede combinatie werk-privé, nog wel mogelijk is in onze maatschappij. We vrezen er een beetje voor. Om drie redenen.

De eerste is de mondialisering. Alle bedrijven staan wereldwijd met elkaar in concurrentie. Willen ze overleven, dan moeten ze zich flexibel opstellen om te kunnen inspelen op de soms snel wisselende vragen vanuit de markt. Die markt, dat zijn wij werknemers. Vandaag willen we dit, morgen willen we iets helemaal anders. In feite zetten we zelf druk op onszelf.

Ook buiten de werkuren zetten we steeds meer druk op onszelf. Alles moet gevierd worden, er zijn nu zelfs puppy-borrels om de nieuwe hond te verwelkomen. We moeten fitnessen omdat we er goed moeten uitzien. We moeten het laatste boek gelezen en de laatste film gezien hebben om nog bij te zijn. In de winter gaan we skiën, in de zomer naar het strand en tussendoor moeten we ook nog op citytrip. En uiteraard moeten we ook heel veel shoppen.

De derde verklaring is dat we met twee buitenshuis werken. Omdat – overigens terecht – ook de vrouwen dat nu absoluut willen. En ook omdat we steeds meer verwachten van onze overheden, derhalve ook meer belastingen betalen en zo onszelf verplicht hebben om met twee veel te werken om nog iets over te houden. En dan hebben we het nog niet gehad over de kinderen die na school naar de teken- en/of muziekacademie, de jeugdvereniging en de sportclub plus heel veel verjaardagsfeestjes moeten en we zeker niet mogen vergeten om ze een cadeautje mee te geven.

Probeer dat nog maar eens allemaal te combineren zonder stress