Carl Huybrechts

In de aanloop naar...

Print
In de aanloop naar...

Foto: HBVL

In het eerste deel van de flutquiz ‘De 12de Man’ wordt telkens zoveel aandacht besteed aan het gebrek aan wetenswaardigheden dat de kandidaten opdissen, dat we moeten vaststellen dat de kwalificatie onbekende Vlamingen geheel terecht is. En dat een BV niet per se een IV is, een interessante Vlaming, dat wist u zeker ook al.

Dit EK-spelletje ontbeert elke vorm van esprit en charme, maar je moet iets doen in de aanloop naar het Europese voetbalkampioenschap, zal de programmaleiding gedacht hebben. Ik keek ernaar met toenemende verveling in afwachting van ‘Best Of Ronde Van Vlaanderen’, want je moet ook iets doen in de aanloop naar de Ronde. Elke laatavond van de afgelopen week kregen we op Canvas het laatste uur van een gedenkwaardige Ronde voorgeschoteld, in uitgesteld relais. Zonder knip of plakwerk. Het leert ons vooral dat we vroeger gedwee naar technisch onverteerbaar slechte televisie wilden kijken.

Toch denk ik dat ik sinds de eerste live-uitzending van de wedstrijd niet één editie gemist heb. Ik heb ook vaak gewerkt in en rond de Ronde. Begin jaren negentig bijvoorbeeld toen we een reportage maakten over het toenemend fenomeen de afsnijders: liefhebbers die er een wedstrijd in de wedstrijd van maakten om de Ronde op zoveel mogelijk plaatsen na elkaar te zien passeren.

Vanuit helikopters filmden we de duizenden koershooligans die in enkele minuten tijd als een bijenzwerm neerstreken op de dorpspleinen van vreedzame gehuchtjes. Wanneer de kop van het peleton om de kerk was gedraaid stoven ze alweer uit elkaar om met motoren en terreinwagens tegen een rotvaart over de landelijke wegen te razen, langs veldwegeltjes, vaak dwars over vers ingezaaide velden, om zo snel mogelijk de volgende spot te bereiken. ’t Is een raar soort volk dat een 4x4 koopt om de kinderen naar school te brengen en de Ronde van Vlaanderen te volgen. Ze waren op een bepaald ogenblik met meer dan tienduizend.

De Vlaamse veestapel en agrarische stand begonnen groot gevaar te lopen. Toen heeft de politie er paal en perk aan gesteld. Het destijds gevestigde record - 27 passages - zal niet meer verbeterd worden. Het staat op naam van Marc Stassijns, voormalig hoofd van de sportdienst van de openbare, aan de zijde van Michel Verschueren. De afsnijders zijn inmiddels vervangen door de VIP’s. Geen heuvel of bult in Oost- of West-Vlaanderen waar de Ronde min of meer zichtbaar door het panorama trekt of er staat dit weekend een VIP-dorp. Elk lokaal bedrijf dat zichzelf hulde wil brengen huurt zo’n feestaccomodatie. Daar komen dan honderdduizenden uitverkorenen uit het hele land op af. Ze brengen de hele dag in een lawaaierige tent door (Vlaamse schlagers!), ze kauwen half opgewarmde prefab-kost, ze scanderen af en toe op een houten terras ‘Boo-nen- Boo-nen’ en ze worden in het gezelschap van ander schoon volk lekker dronken. Het veiligheidsprobleem is verlegd tot na de wedstrijd.

Dinsdag keek ik naar de editie van 1989, er stond behalve bij de aankomst niet één vip-tent langs het parkoers. Een jongen uit mijn streek zegevierde voor het eerst, Edwig Van Hooydonck. Een snede uit het commentaar van Marc Stassijns tot co-commentator Rik Van Looy, aan de voet van de Muur: “Rik, wat voel je als je daaraan begint?” “Eigenlijk niks. Ge wilt er alleen maar zo rap mogelijk over zijn!”

Het merkwaardige was dat, ondanks het feit dat ik de afloop en de uitslag al lang kende, ik toch bang was dat Van Hooydonck nog zou worden ingelopen.