© BELGA

Onvoldoende reiniging van spoor medeoorzaak van treinbotsing

Het officiële onderzoek naar de treinbotsing eind 2014 in Linkebeek is afgerond. Zoals vermoed zorgden gevallen bladeren en daarmee samenhangende adhesieproblemen voor de botsing tussen een werk- en reizigerstrein. Nu blijkt dat het spoor niet voldoende werd gereinigd, en dat eerdere problemen niet werden gemeld. Er wordt ook gewezen op mogelijk nieuwe veiligheidsrisico’s met de Desiro-treinstellen.

gjs

Op 3 november 2014 kon de reizigerstrein van Eigenbrakel naar Aalst - op een dalend traject na het station Holleken - niet tijdig stoppen aan het station van Linkebeek. Enkele minuten later moest een achternakomende werktrein een noodremming uitvoeren. De wielen blokkeerden en na een sliptocht van 840 meter botst de trein met een snelheid maximaal 40 km/u tegen de reizigerstrein. Twintig reizigers worden afgevoerd. De treinen zijn beschadigd, de spoorinfrastructuur niet.

Al snel na het ongeval werd gewezen op de mogelijke rol van vallende bladeren. Ze kunnen een gladde film vormen op het spoor, waardoor treinen hun greep kunnen verliezen. Die piste wordt nu ook als directe oorzaak aangeduid in het eindverslag van het Onderzoeksorgaan voor Ongevallen en Incidenten op het Spoor (OOIS). Ook het ontbreken van een ABS-systeem en het niet gebruiken van een zandstrooi-installatie (om greep te krijgen) dragen bij tot het ongeval.

Het diepgaande onderzoek brengt nu ook indirecte oorzaken aan het licht. Zo blijkt dat een reinigingstrein - die adhesieproblemen net moet aanpakken - op de lijn vooral het ‘klimmende’ spoor reinigt. Daardoor kan volgens het onderzoeksorgaan vervuiling elders zich ophopen. “Het spoor in de afdeling van Holleken naar Linkebeek is ernstig vervuild”, besluit men.

Ook blijkt dat eerder op de dag vastgestelde adhesieproblemen niet worden gemeld aan de infrastructuurbeheerder. Latere bestuurders worden daardoor niet gewaarschuwd. Onderliggend, zo klinkt het, worden adhesierisico’s in het algemeen onvoldoende in kaart gebracht.

Het onderzoeksorgaan wijst ook op nieuwe risico’s door de ingebruikname van de honderden nieuwe Desiro-treinen. Die worden bijna continu gesmeerd, waardoor de sporen mogelijk extra worden vervuild. Een verband met het ongeval in Linkebeek werd evenwel niet aangetoond. Niettemin krijgen zowel spoorinfrastuctuurbeheerder Infrabel als vervoersbedrijf NMBS de aanbeveling om gezamenlijk de relatief nieuwe smeeraanpak te evalueren. Spoorveiligheidsorgaan DVIS wordt gevraagd het nodige toezicht uit te oefenen in verband met adhesieproblemen.