Internationale coalitie ontkent bombardement op Syrisch leger

Print
De door de Verenigde Staten geleide coalitie ontkent dat het zondag een kamp van het Syrische leger, in de oostelijke provincie Deir ez-Zor, heeft gebombardeerd. Bij dat bombardement vielen, zowel volgens de Syrische minister van Buitenlandse Zaken als het vanuit Groot-Brittannië opererende Syrisch Observatorium voor de Mensenrechten, minstens drie doden.

 “We zijn op de hoogte van de berichten, maar in dat deel van de provincie hebben we geen bombardement uitgevoerd, wel op 55 kilometer van die plaats”, aldus kolonel Steve Warren, woordvoerder van de coalitie.

"Flagrante agressie"

“Het legerkamp bevindt zich twee kilometer van een dorp dat onder controle staat van Islamitische Staat”, aldus de man achter het Observatorium, Rami Abdel Rahmane, die zich beroept op een breed netwerk aan bronnen in Syrië. Damascus heeft al uitgehaald naar deze “flagrante agresssie”. “Dit is een zeer ernstige schending van het charter van de Verenigde Naties”, zei de minister van Buitenlandse Zaken.

“Het gaat om de eerste slachtoffers bij het regeringsleger na een luchtaanval door de coalitie”, zegt Rahmane nog. “We weten zeker dat het bombardement niet door de Russen is uitgevoerd, omdat zij een bondgenoot zijn van Assad.”

De Syrische minister van Buitenlandse Zaken heeft de VN-Veiligheidsraad maandagvoormiddag opgeroepen om de nodige stappen te zetten om te vermijden dat zo’n incident zich herhaalt.

Het regime van Bashar al-Assad controleert het merendeel van de dorpen in Deir ez-Zor langs de westoever van de Eufraat, terwijl IS het grootste deel van het centrum van de olierijkeprovincie in handen heeft.