Dreigen met een rechtszaak is (soms) strafbaar

Print
Dreigen met een rechtszaak is (soms) strafbaar

Foto: Photo News

Dreigen met een rechtszaak kan in bepaalde gevallen strafbaar zijn omdat het een bedreiging betreft die artikel 483 van het strafwetboek omschrijft als ‘een middel van morele dwang door het verwekken van vrees voor een dreigend kwaad’. Dat schrijft De Juristenkrant op basis van een recent arrest van het Hof van Cassatie.

De zaak voor het Hof van Cassatie volgde op een beslissing tot buitenvervolgingstelling door de Brusselse Kamer van Inbeschuldigingstelling in een zaak waarin een persoon in verdenking werd gesteld wegens afpersing. Hij zou de ondertekening van een dadingsovereenkomst voor een aanzienlijke som hebben afgedwongen onder dreiging van een rechtsvordering te zullen instellen.

Het Hof van Cassatie bevestigde in zijn arrest dat wanneer het vermeende slachtoffer een beroep kan doen op wettelijke middelen om de dreiging te doen ophouden of af te wenden er geen sprake is van bedreiging in de zin van artikel 483. Dat was in deze zaak wel degelijk het geval vermits het slachtoffer zich kon verdedigen voor de rechters voor wie de vermeende afperser dreigde de rechtsvorderingen in te stellen. Dat de rechtsvorderingen overdreven of ongerechtvaardigd zouden geweest doet hieraan geen afbreuk.

Toch stelt het Hof van Cassatie dat er een uitzondering mogelijk is op de geponeerde regel. In geval van dreiging met rechtsvorderingen is er geen sprake van een bedreiging in de zin van artikel 483 wanneer het slachtoffer beroep kan doen op wettelijke middelen om de dreiging te doen ophouden of af te wenden. Volgens het Hof gaat die regel niet op ‘in bijzondere gevallen die te maken met de concrete omstandigheden waarin de feiten plaatsvinden of met de persoon van het slachtoffer’.