Igor de Camargo: ‘Ik was niet meer welkom bij Standard’

Print
Igor de Camargo: ‘Ik was niet meer welkom bij Standard’

Foto: BELGA

Wrang, dat was het vertrek van publiekslieveling Igor de Camargo bij Standard. De Belgische Braziliaan onthult nu dat er weinig anders opzat voor hem dan te verkassen. ‘Bij Standard deden ze alles opdat ik zou vertrekken. Drie, vier, vijf keer’, aldus De Camargo in Sport/Voetbalmagazine.

 

Jupiler Pro League op Sportwereld.be

 

Igor de Camargo had zich zijn vertrek bij Standard wel anders voorgesteld. ‘Als je weet dat je ergens niet welkom bent, dan moet je niet koppig willen zijn, dan ga je het best ergens anders naartoe’, vertelt hij in Sport/Voetbalmagazine. ‘Als iemand je meermaals probeert buiten te werken, dan wordt het lastig. Ik heb altijd de indruk gehad alles voor Standard gedaan te hebben, de club zal altijd een belangrijk deel van mijn leven blijven, dus dat maakt het nog moeilijker verteerbaar. Ik merkte dat men me wegjoeg. Ze deden alles opdat ik zou vertrekken. Drie, vier, vijf keer. Roland Duchâtelet? Laten we zeggen... het bestuur.’

Maar het was wel Duchâtelet die hem vroeg of hij niet elders wilde gaan voetballen, vertelt De Camargo. En toen was er dat lucratieve aanbod uit Qatar. ‘Ik zei dat ik alleen zou gaan als de voorzitter akkoord ging. En dat was zo. Dus leg ik ginder medische tests af en plots krijgt mijn makelaar telefoon van Roland Duchâtelet : ik moet terugkomen! Ik bel hem om uitleg te vragen en hij antwoordt: ‘Ik dacht dat je daar gewoon eens de infrastructuur ging bekijken.’ Hij beweerde dat hij zich misschien slecht had uitgedrukt of dat ik hem verkeerd begrepen had...’

‘Met spelersgroep op Standard was geen land te bezeilen’

De Camargo laakt ook de mentaliteit van de Luikse spelersgroep. Zo kan hij maar niet begrijpen dat de Rouches in 2014 ondanks een geweldig getalenteerde groep de titel nog misliepen. ‘We hebben gefaald door de mentaliteit. Met die groep was geen land te bezeilen. Er waren spelers die het niet zo begrepen hadden op discipline en die het nooit gepikt zouden hebben. Of Luzon meeging in die laksheid? Misschien. In een groep moet je met van alles rekening houden. Als je tegen een speler zegt: doe dit of doe dat, en die accepteert dat niet, dan wordt het lastig.’

En daar konden zelfs de trainers niets aan veranderen, benadrukt de lange spits. ‘Als een speler één, twee, drie keer te laat komt, dan probeer je met hem te praten. Maar dat hielp niet. Dus is het gebeurd dat ik naar de coach stapte en zei: we hebben alles geprobeerd, jij hebt het gezag, doe jij iets. Maar als die coach daar dan zelf niet in slaagt, dan wordt het echt moeilijk. Ik heb proberen in te grijpen onder Luzon, onder Vukomanovic , onder Riga , maar altijd tevergeefs.’