DE KERN

Te weinig Unie

Print
Te weinig Unie

Foto: HBvL

Jean-Claude Juncker, de voorzitter van de Europese Commissie, wil dat de 28 EU-ministers van Binnenlandse Zaken het volgende week maandag eindelijk eens worden over de spreiding van 160.000 vluchtelingen vanuit Griekenland, Italië en Hongarije over de verschillende lidstaten. Voor ons land gaat het om 5.928 vluchtelingen. Zij komen bovenop de meer dan 20.000 vluchtelingen die hier al rechtstreeks om asiel vroegen.

Of de EU-ministers ook tot een akkoord zullen komen, is afwachten. Maar we vrezen ervoor. Zoals Jean-Claude Juncker terecht opmerkte in zijn State of the Union naar aanleiding van het nieuwe Europese politieke jaar, ontbreekt het aan unie in de Europese Unie. Vooral de Oost-Europese landen zijn niet meteen geneigd om vluchtelingen op te nemen. Dat ze in verhouding tot de rijkere landen minder vluchtelingen willen opnemen, kunnen we nog volgen. Hun economieën zijn nog niet zo sterk. Helemaal niet van vluchtelingen willen weten, is onbetamelijk wanneer men bedenkt dat vluchtelingen nu al 25 procent van de bevolking uitmaken in het arme Libanon.

De naar schatting half miljoen mensen die dit jaar naar Europa vluchtten, vertegenwoordigen niet meer dan 0,11 procent van de Europese bevolking. Dat zal wel verder toenemen zolang de situatie zich niet stabiliseert in Syrië, Irak en Afghanistan. Toch moeten we dit kunnen opvangen. Ook al stelt het ons voor enorme uitdagingen. Een tent en wat eten volstaan niet. Een warm bed in een opvangcentrum evenmin. We zullen deze mensen moeten integreren in onze maatschappij. Dat kan het gemakkelijkste door ze aan werk te helpen. De sociale partners lieten gisteren weten dat ze het eens zijn met het voorstel van minister van Werk Kris Peeters dat vluchtelingen al na vier maanden mogen werken. Dan moet er wel werk zijn. En ook zij moeten op een correcte manier betaald worden. Bovendien is het nog maar de vraag of de vluchtelingen wel de juiste opleiding hebben. En als dat al zo is, of ze ook onze talen kennen. Al was het maar om te kunnen samenwerken en dat ook op een veilige manier te doen. We zullen dus ook voor taalcursussen en onderwijs moeten zorgen. Het volgende probleem is huisvesting. Er zijn te weinig sociale woningen en de private huurmarkt biedt weinig soelaas. Zo kunnen we nog wel even doorgaan. En dan te weten dat zowel de federale als de regionale regeringen moeten besparen.

Het mag duidelijk zijn, we zitten met een probleem dat ons nog even zal bezighouden. Maar dat wel oplosbaar is. Dat weten we van vorige asielcrisissen.