Oost-Europese vis bedreigt inheemse soorten

Tropisch visje vreet Albertkanaal en Maas leeg

Print

In het Albertkanaal is de populatie van de tropische grondel zodanig toegenomen dat ze het voortbestaan van inheemse vissoorten bedreigt. De grondel is afkomstig van de Zwarte en de Kaspische zee en onder meer via natuurlijke weg tot bij ons geraakt nadat in 1993 de Donau en de Rijn met elkaar verbonden werden. Volgens Hugo Vereycken van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (Inbo) is het onmogelijk om de vissoort weer te verjagen.

De grondel werd tien jaar geleden voor het eerst in het Albertkanaal ontdekt. De vis heeft zich inmiddels zodanig voortgeplant dat inheemse soorten in hun bestaan bedreigd worden. Vooral vissers stellen het fenomeen vast. “Je hebt snel beet, maar telkens hangt er een grondel aan”, zegt fervent visser Piet Aelberts. “Dat beestje is maar tien centimeter groot. Inheemse vissen vang je nog maar zelden. En dan is het plezier van het vissen er ook af. De grondel paart vier keer per jaar. Dat maakt dat die populatie snel groeit. Bovendien eten ze zowat alles wat er is en zijn ze zo lelijk als de nacht.”

Zwartbekgrondel

Bij het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek hebben ze het fenomeen ook vastgesteld. “Er zijn verschillende soorten grondels”, zegt Hugo Vereycken van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek. “De soorten die hier voorkomen zijn de Zwartbekgrondel, de Marmergrondel en de Kesselergrondel. Vooral de Zwartbekgrondel komt hier de laatste jaren massaal voor.

Wat men tegen de grondel kan doen, leest u vandaag in Het Belang van Limburg.